Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Kortom, het klein prinsesje ontving

meer dan haar moeder ooit bezat Doch juist toen de elfde Fee haar wensch

gelispeld had, kwam in de zaal

De dertiende, heel onverwacht,

en riep vergramd, in bitse taal:

,,De koningsdochter zal, wanneer

zij zestien jaar is, zich de hand

„Bezeeren aan een spinnewiel,

en — sterven!" — Vriend en bloedverwant, En de ouders nog wel 't allermeest,

wat waren ze erg ontsteld! — De Fee Intusschen zweeg, en ging weer heen,

en liet heel 't hof in rouw en wee.

Gelukkig dat de twaalfde Fee

haar wensch nog niet gesproken had;

Zij fluisterde met een zoete stem,

terwijl zij naar het wiegje trad:

,,A1 heb ik om dien boozen wensch

geheel te weren ook geen macht,

,,Toch wordt die door mijn toedoen wel,

mijn liefje! een weinigje verzacht;

„Je zult niet sterven aan die wond,

maar blijven slapen honderd jaar; ,,Dat 's wel verschriklijk lang maar toch

nog beter, wis! dan dood, — nietwaar?" —

Uit voorzorg voor zijn dochtertje

beval de vorst nu in zijn land,

Dat overal elk spinnewiel

moest stukgeslagen en verbrand. — ' 't Prinsesje intusschen groeide goed,

ze liep al gauw, en praatte al ras, En werd heel mooi, — zóó mooi en frisch

of ze een ontloken roosje was

21

Sluiten