Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bii

P. 48.

W. B. A. 3596, van meening dat de rechterlijke macht incompetent is voor een vordering tot ontbinding eeher gemeenschappelijke regeling tusschen twee gemeenten als bedoeld in art. 121 Gem.wet, omdat ook die ontbinding een regeling is, zoodat machtiging en goedkeuring van Ged. Staten ingevolge art. 121 worden vereischt.

P. 49, no. 31. — Na „R. O." toe te voegen: G. no. 20a in verband met „Grenzen" daar geciteerd.

P. 49, reg. 9—8 v. o., lees: der toenmalige wet op het Lager Onderwijs (nu art. 19, Stbl. 1923 no. 106).

P. 50, regel 14 v. b. — In plaats van „D no. 4", lees: F no. 7 (verwijzing naar Themis 1921, zie aldaar p. 421); vgl. ook Inl. p. 411 v. o.—412 v. b. ja p. 423 (e).

P. 50, no. 36, reg. 2, toe te voegen: (D. no. 18).

P. 51, reg. 12 v. b. — Na „Vgl. ook" toe te voegen: concl. O. M. vóór Hof Groningen 12 Dec. 1843 W. 468, R.spr. 17 § 33; PRAzaK in A. ö. R. 4 p. 285 noot 107. — Wat daarna p. 51, no. 37 volgt moet vervallen.

P. 51, reg. 2 v. o. In plaats van „en 7747", lees: (7747).

P. 52, reg. 4 v. b. — Na „erkennen" in te voegen: Vgl. ook Hof Arnhem 13 Dec. 1905 W. 8360; Inl. p. 214 v. o.—215 jis p. 484—485; R. O. p. 127 (d).

P. 52, no. 38 i. f. — Na „XV" toe te voegen: no. 12 j°. no. 80.

P. 52, no. 39 i. f. — Na „55" in te voegen: j° no. 53. — In plaats van D no. 8, lees: F. no. 6 (verwijzing naar Themis 1921, alwaar zie p. 384, 400 noot, 406 noot 29 i. f.

39 A. Rb. Amsterdam 3 Febr. 1863 W. 2487, G.st. 614 en Ktg. Schiedam 5 Dec. 1905 W. 8503 (vernietigd door Rb. Rotterdam 31 Dec. 1906 W. 8515, vgl. in cassatie H. R. 20 Dec. 1907 W. 8641) verklaarden de rechterlijke macht incompetent, op grond dat het in die zaken gold de uitlegging (toepassing) van gemeenteverordeningen, waarvoor art. 179& Gem.wet aan B. en W. competentie opdraagt, zie op art. 2 R. O., F. no. 2a. — Vgl. voorts Hoogger. Hof 's-Gravenhage 25 Juli 1821

Sluiten