Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BIJ

P. 82.

tot vergoeding der door het niet voldoen van het verschuldigde veroorzaakte schade, toegevoegd aan de vordering tot betaling van liet verschuldigde, is niet een gevolg of uitvloeisel van deze laatste; beide berusten op denzelfden grondslag, zij vloeien ieder rechtstreeks voort uit de beweerde wanbetaling, niet de eene door middel van de andere. Dit laatste moge waar zijn, het is slechts dan een argument, als men het begrip accessoire vordering zóó eng neemt dat daaronder enkel valt een vordering, die zelf gevolg of uitvloeisel is van de hoofdvordering. M. i. is het voor bedoeld begrip voldoende dat de rechtsbetrekking, die het voorwerp is van de tweede vordering, een gevolg is van de rechtsbetrekking, voorwerp der hoofdvordering (zie Inl. no. 21). Bij die opvatting is het onnoodig dat de bijvordering door middel der hoofdvordering voortvloeit uit het feit, dat tot beide vorderingen aanleiding heeft gegeven. Naar het schijnt is Noyon tot zijn meening gekomen door de onjuiste bewering in het vonnis a quo, Rb. Middelburg 3 Maart 1909 W. 8896, dat toen de vordering tot schadevergoeding zou zijn geweest een uitvloeisel van de hoofdvordering. Wel was toch juist de meening der Rechtbank dat er hier een bij vordering was, maar weer niet de hierop gebouwde beslissing (vgl. R. O. 2e ged. p. 249).

P. 82, no. 10 i. f. — Na „50.11" in te voegen: Anders Hof Amsterdam 20 Juni 1919 W. 10445, N. J. 1919 p. 1013, aldus overwegend: daar de door niet ontruiming geleden schade, waarvan vergoeding wordt geëischt, niet is een gevolg der gevorderde ontruiming, is die eisch tot schadevergoeding geen sequeel der vordering tot ontruiming. Al is de Kantonrechter voor laatstbedoelde vordering competent, de Rechtbank is het voor de vordering tot onbepaalde schadevergoeding. — Inderdaad is hier de schade geen gevolg van de ontruiming, maar wel van het niet eerbiedigen van eischers recht op ontruiming, dat het voorwerp is van de vordering tot ontruiming.

P. 82, reg. 2 v. o. — Toevoeging: Eveneens voor den eisch tot

Léon's Rspr., II, 1, R. O., s.

4

Sluiten