Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij

P. 310,

rechter had toch de vraag niet te beoordeelen, omdat zij niet ter zake deed voor de beoordeeling der geldigheid van de over eenkomst. De voorafgaande overweging was dus ook in dit

vonnis onnoodig.

P. 311, reg. 2 v. b. — Na „O M." in te voegen: verplicht en dus ook

P. 311, reg. 6 v. b. — In plaats van „Da&rom" lees: Wegens het boven gezegde. — Na „schuldig is" in te voegen: Echter meen ik bij nadere overweging dat de hier in de Inl. gegeven voorstelling zich nog te veel aansluit bij de beschouwing, dat er is een subjektief recht om te straffen (vgl. ook Friedrichs in Annalen des Deutschen Reichs 1921—1922 p. 211 v. o.).Het is de rechter zelf, die de straf oplegt en het O. M. moet het strafvonnis doen uitvoeren (art. 4 R. O.). De viaag is opgeworpen, of de oplegging der straf door den rechter insluit een met gezag van gewijsde bindende vaststelling der rechtmatigheid van die strafoplegging. Die vraag wordt implicite bevestigend beantwoord door Laband (Inl. p. 309 noot 2 geciteerd), bij wiens voorstelling is te vergelijken die van Duguit, Traité, 2e dr. II p. 360—364 en in Rev. du droit public 1922 p. 350—353. Duguit rangschikt het strafvonnis onder hetgeen hij noemt „juridiction objective". Haar onderwerp zou zijn de vraag, of de wet is geschonden. Hieruit leidt D. af de leer der Fransche jurisprudentie, die een voor allen bindende beslissing van den strafrechter aanneemt op de punten, aangeduid Inl. p. 305 v. o. Ook Goldschmidt (bij Inl. p. 278 noot 2 i. f. geciteerd) p. 175, noot 954 a, meent dat het veroordeelend strafvonnis ten opzichte van latere civiele gedingen met gezag van gewijsde voor iedereen de rechtmatigheid dei bestiaffing vaststelt. In gelijken geest Coester (bij Inl. p. 5 geciteerd) p. 31 noot, p. 79 en 82 (tegen die p. 31 noot zie Richter in A. ö. R. 52 p. 459 v. b.) en implicite Binding (bij Inl. p. 18 geciteerd) 1. 1. p. 352 (2° i. f.) althans als regel. Tegen de door bedoelde schrijvers voorgestane meening is aan te voeren dat de rechter kwalijk kan worden geacht zulk een bindende

Sluiten