Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

öij

P. 856.

datum er nog een, opgenomen in W. 9897 p. 4 kol. 1—2, waarvan het aannemelijk is dat het op gelijk standpunt stond als eerstbedoeld arrest (vgl. in het tweede de beslissing op het tweede cassatiemiddel).

P. 358, reg. 3 v. b. — Na „R. O." in te voegen: G no. 8b

P. 358, tekst, reg. 2 v. o. — Bij „hierna." een noot: In gelijken zin als het arrest van 1906 (maar zonder hetgeen van dat arrest Inl. p. 358 na „terwijl" volgt) het bij Inl. p. 356 vermelde van 29 Nov. 1915. — Bij de Inl. p. 358 genoemde schrijvers zie nog v. Doorninck in R. Mag. 1908 p. 553 v. 0.-555 jIS p. 551 v. o.—553 (diens opstel 1. 1. p. 536—'568 te vergelijken met mijn te voren verschenen Inl., nos. 88-100).

P. 358, noot i. f. — In plaats van „§ 4" lees: (verwijzing naar mijn Op de grenzen van publiek en privaatrecht, hoofdst. VI).

P. 362, reg. 9 v. b. — Na „35" in te voegen: Ktg. Onderdendam 7 Jan. 1915 W. 9778, W. B. A. 3459.

P. 362, reg. 4 v. o. — Na „1088." in te voegen: Ook Rb. Zutphen 3 Febr. 1915, bij Inl. p. 356, al. 3 vermeld.

P. 363, reg. 5 v. b. — In plaats van „1886" lees: 1866.

P. 363, reg. 12 v. b. — Na „216" in te voegen: W. C. Lohman, Opmerkingen over de Leggers der Wegen, diss. Groningen 1888 p. 84.

P. 363, reg. 14 v. b. — Na „1157" in te voegen: X en Red. in

G.st. 2091 p. 4 kol. 2

P. 863, tekst, reg. 10 v. o. — Na „verstaan" in te voegen: Vgl. v. Doorninck in R. Mag. 1908 p. 535-539 jis p. 542—544, 561—568 en daarbij H. R. 2 Nov. 1908 W. 8765 p. 2, R.spr. 210 § 14, P. v. J. 795 p. 3, ook de concl. O. M. vóór

H. R. 2 Nov. 1908 W. 8765 p. 1—2, R.spr. 210 § 13 (toen bepaalde het reglement niet wat onder „waterleiding" is te verstaan en de kracht der leggers kwam niet ter sprake).

P. 363, noot, reg. 2. — Na „ontvangen" in te voegen: (Men spreekt ook dan wel van bestemming tot openbaarheid, zie b.v. v. Doorninck 1.1. p. 540 —541,562—563, maar laatstbedoeld woord

Sluiten