Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tflj

P. 398.

Leeuwarden 13 Jan. 1915 (bij Inl. p. 393 geciteerd); vgl. ook Rb. Breda 15 April 1902 W. 7793, G.st. 2664, W. B. A. 2781; P. 398, tekst, reg. 9 v. o. — Bi] „4)" een noot: Vgl. Kamerlingh Onnes 1. 1. p. 57—62 met vermelding der jurisprudentie van den H. R.; v. Doorninck in R. Mag. 1908 p. 544—549. M. i. is uit het arr. H. R. van 9 Nov. 1908 W. 8766, R.spr. 210 § 18, P. v. J. 809, op dit punt niets af te leiden. H. R. 8 Nov. 1909 W. 894], R.spr. 213 § 13, P. v. J. 896, W. B. A. 3167, geeft aanleiding tot twijfel. Zie thans H. R. 3 Febr. 1928 W. 11811 (noot H. d. J.), N. J. 1928 p. 700 (met noot P. S. p. 703—704), naar aanleiding waarvan Gombault in Themis 1929 p. 184 vv. Bij dat arrest vgl. H. R. 29 Okt. 1928 "W. 11892, N. J. 1928 p. 1548 (met noot v. D. p. 1549) en D. S. in W. 11896 p. 4, Romelingh in N. J. bl. 3 p. 898, H. R. 4 Maart 1929 W. 11975 p. 4 kol. 2—3, N. J. 1929 p. 723. Vgl. bij R. O. 2e ged.p. 48. P. 398, tekst, reg. 4 v. o. — Na „718" in te voegen: , W. B. A.

3088. Vgl. mede H. R. 30 Nov. 1914 W. 9745, N, J. 1915 p. 286. P. 398, tekst, reg. 3 v. o. — Na „O. M." in te voegen: vóór

H. R. 15 Maart 1915 W. 9803, N. J. 1915 p. 752, P. 398, noot bij p. 397. — Toevoeging: Een vordering als in deze noot bedoeld heeft Rb. Zutphen 22 April 1909 W. 9086 nietontvankelijk geacht, op overweging dat een individueel recht op gebruik van een openbaren weg niet bestaat (op grond dat er toen niet uit zulk een individueel recht was geageerd vernietigde Hof Arnhem 6 April 1910 W. 9120, W. P. N. R. 2180 dit vonnis). Ygl. ook Rb. Amsterdam 19 Nov. 1891 W. 6106, P. v. J. 1892 no. 56 en Rb. Zutphen s. d., geciteerd door Hof Arnhem 9 Mei 1917 W. 10170 p. 3 kol. 1, N. J. 1917 p. 1116. Het zooeven bedoelde individueele recht is ook ontkend door H. R. 3 Dec. 1923 W. 11148 p. 2—3, N. J. 1924 p. 188 en implicite door H. R. 28 Nov. 1913 W. 9574, N. J. 1913 p. 1313, G.st. 3265 (9°), W. B. A. 3375, W. P. N. R. 2302. Ygl. de conclusies O. M. vóór dit arrest van 1913 (overigens contra) en vóór H. R. 30 Maart 1917 W. 10184, N. J. 1917 p. 502;

Sluiten