Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HIJ

P. 478.

P. 478 reg. 10 v. o. — In plaats van „459" lees: 459)

P. 479 al. 1 i. f. — Toevoeging: Vgl. het geval, besproken in G.st. 4011 (2°) en zie W. v. G. 9 p. 143 -144.

P. 480 noot, al. 1. — Simons, Leerb. 5e dr. II (1929) no. 741 p. 378—381; Noyon, 4e dr. II (1926) p. 299—302.

P. 480 noot, al. 2 i. f. — Toevoeging: Om dezelfde reden als in deze alinea 2 aangegeven kan men zeer wel meegaan met de uiteenzetting van R. Kranenburg, Het Ned. Staatsrecht 3e dr. I p. 409—415 zonder in te stemmen met hetgeen hij p. 404—408 zegt. Daarbij vgl. laatstelijk, anders dan hij, Rb. 's-Gravenhage 26 Aug. 1929 W. 12080. Zie nog het in een civiel proces gewezen arrest H. R. van 26 April 1912 W. 9376 (met noot 2 E. M. M.), R.spr. 220 § 90, W. B. A. 3315, met een motiveering, waarvan de consequentie ook voor art. 180 Swb. tot de plichtmatigheidsleer schijnt te leiden, al is het arrest zelf niet in strijd met de jurisprudentie op dat artikel. — Vgl. voor Duitschland v. Ammon (bij Inl. p. 460—461 noot geciteerd) p. 117—131.

P. 480 noot, al. 3 reg. 2. — Na „midd." in te voegen: Vgl. Beyer in Zeitschr. f. d. ges. Staatswiss. 71 p. 13—14 jis p. 2—8; F. Somló, Juristische Grundlehre (1917) p. 462, alwaar litteratuur.

P. 482 reg 3. v. b. — Bij „voorschriften" een noot: Ruim geformuleerd essentieele rechtsnormen. Deze kunnen zijn af te leiden uit een samenstel van voorschriften; vgl. Hof Leeuwarden 21 April 1915 W. 9766, N. J. 1915 p. 405 (de juistheid der beslissing voor het toen gegeven geval wordt hier daargelaten). Zelfs brengt niet elke verwaarloozing van een essentieel voorschrift radikale nietigheid mee. Te letten is op de uiteenzetting van Jèze Principes 3e dr. I p. 75 vv. (Revue du droit public 1913 p. 302 vv.), die speciaal voor benoemingen van belang is (vgl. Inl. p. 482 noot, p. 483 e). Jèze merkt Principes 3e dr. I p. 85 noot (Revue 1. 1. p. 309—310 noot) op: men moet niet in abstracto uitmaken of zekere onwettigheid altijd essentieel is, maar de feitelijke omstandigheden nagaan, waaronder zij

Sluiten