Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij

P. 568.

benadeeld kunnen worden. Vgl. Struycken A.dm. of Rechter p. 16—17; Boasson p. 384—385, 391, 398—403 jis p. 380—382. B. erkent p. 391 en 401, althans voor speciale gevallen, dat het soms wenschelijk kan zijn rechtspraak uit te sluiten. Vgl. ook zijn p. 407 v. b. Het verschil tusschen B.'s zienswijze en de mijne is niet zoo groot als sommige zijner blzz. zouden kunnen doen verwachten. Bij zijn p. 407—408 vgl. Inl. p. 603—606.

P. 569 tekst, reg. 2 v. o. — Bij „verrichten" een noot: Vgl. Struycken 1. 1. p. 42—43; v. Laun 1. 1. p. 103—111 en daarbij A. ö. R. 27 p. 469—470.

P. 569 noot 1. — Toevoeging: Vgl. Michoud 1. 1. p. 29—33.

P. 573 noot 1. — Toevoeging: Vgl. nog W. Hofacker, Die Staatsverwaltung .... (1919) p. 15 jis p. 189—190; Tezner, Das freie Ermessen (1923) p. 105—107.

P. 574 tekst, reg. 5 v. o. — Na „als" in te voegen: in den regel

P. 577 noot 1. — Na „Stbl. 27" in te voegen: en bij Kon. Besluit 25 Juli 1911 Stbl. 260

P. 578 noot bij p. 577, reg. 6. — Na „wetsuitlegging" in te voegen: vgl. Inl. p. 637 noot 1. — Art. 40 lid 3 Ongev.wet, nu art. 38 (3°).

P. 579 noot, al. 1. — Toevoeging: Vgl. nog Léon-v. Praagno. 2 vóór art. 1 wet A. B.

P. 580 tekst, reg. 6 v. o. — Bij „toepasselijk" een noot: Het is niet toepasselijk, als het algemeen belang niet is een vereischte voor de wettigheid van zekere bestuursdaad, maar een staatsorgaan zich op het algemeen belang beroept om een subjektief privaat recht ter zijde te schuiven. Vgl. Pres. Rb.'s-Gravenhage 8 Okt. 1917 W. 10212, N. J. 1917 p. 1242 (1245).

P. 580 tekst, reg. 3 v. o. — Toevoeging: Zie nog, naar aanleiding van H. R. 29 Juni 1928 (bij Inl. p. 612 noot te citeeren, vgl. aldaar) v. d. Grinten in Gem.bestuur 8 p. 680; Vos in W. v. G. 8 p. 65—66 en 153 j° 7 p. 241—242.

P. 581 reg. 8 v. b. — Bij „voldaan" een noot: Vgl. Struycken 1. 1. p. 28 noot; Boasson p. 402 (1° i. f.).

P. 581 noot 1. — Toevoeging: Over willekeur in tegenstelling tot

Sluiten