Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij

Inl. p. 129—132.

het vonnis zijn gebonden, dat dan ook dadelijk voor hen gezag van gewijsde heeft, terwijl op de gebondenheid der partijen die van den rechter steunt, zoowel in hetzelfde als in een later proces. Wel moet de beslissing om gezag van gewijsde te hebben een echte eindbeslissing zijn, maar daaronder valt niet enkel de beslissing, die de materieele rechtsverhouding van partijen voor deze bindend vaststelt, doch ook de beslissing, die hetzelfde doet voor haar processueel? verhouding en m. i. verder de beslissing over de rechterlijke competentie (vgl. Inl. p. 182 en de verwijzing aldaar).

Inl. p. 202 reg. 2 v. o. — Vgl. Suppl. bij Inl. p. 89 reg. 4 v. o.

Inl. p, 203, Suppl. p. 98 reg. 14 v. o. - Toevoeging: Vgl. nog naar aanleiding van artt. 2, 2°, 4 a, 6° wet 21 April 1927 Stbl. 87 het Kon. Besluit van 2 April 1930 no. 8 W. v. G. 9 p. 168, anders dan Ged. Staten N.-Brabant 6 Febr. 1929.

Inl. p. 305, Suppl. p. 126 reg. 9 v. b. — Toevoeging: Zie nog de noten bij D. P. 1930. 2. 33—38 en 3. 2.

Inl. p. 319 al. 1, Suppl. p. 136—138. — Voeg bij: H. Heller, Die Souveranitat (1927) p 59—66 jis p. 76 v. o., 91-92 en zijn Voorrede.

Inl. p. 320, Suppl. p. 138 reg. 14 v. o. — Jèz;e 1-. 1. = Principes 3e dr. I p. 258.

Inl. p. 352, Suppl. p. 155 reg. 6 v. b. — Rb. Leeuwarden 14 Nov. 1929 ook in N. J. 1930 p. 643.

Inl. p. 405, Suppl. p. 174 reg. 10 v. o. — Toevoeging: Heller, boven bij Suppl. p. 136—138 geciteerd.

Inl. p. 459, Suppl. p. 192 reg. 2 v. o. — Toevoeging: Het toetsings-

recht van den Koning als administratief rechter is uitdrukkelijk

aangenomen bij Kon. Besluit o April 1930 no. 43 W. v. G. 9 p. 145, G.st. 4104 (4°). Zie naar aanleiding daarvan J. H. Scholten in W. v. G. 9 p. 143 en Red. G.st. 4104 (1 ).

Inl. p. 489, Suppl. p. 205 reg. 17 v. o. — Toevoeging: Vgl. nog C. R. 9 Jan. 1930 M. U. C. R. 15 p. 62.. Het Suppl. 1.1. bedoelde verschil in standpunt schijnt gereedelijk hierdoor te verklaren

Sluiten