Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij

P. 628.

die er op wiist dat de motiveering van dit arrest niet zoo absoluut is als die van het arrest van 1909.

P. 624 reg. 10 v. o. — Toevoeging: l. Aangaande het wenschelijke van uitstel eener benoeming tot voogd of toezienden voogd, H. R. 18 Nov. 1927 W. 11766 p. 1—2, N. J. 1928 p. 61.

P. 625 reg. 2 v. b. — Toevoeging: Vgl. H. R. 31 Dec. 1925 W. 11458 p. 1, N. J. 1926 p. 316 (met noot E. M. M.).

P. 625 reg. 16—17 v. b. — De verwijzing te lezen: R. Mag. 1925 p. 5 noot 1. — Toevoeging: 6A. Als in no. 1 is gezegd voor de benoeming van den eenen echtgenoot tot provisioneelen bewindvoerder over zijn krankzinnige wederhelft naar art. 33 Krankzinnigenwet 1884 Stbl. 96 (sedert gewijzigd: art. I wet 1929 Stbl. 275) en voor de motiveering dier benoeming, H. R. 15 Jan. 1926 W. 11460 p. 2—4, N. J. 1926 p. 311.

P. 627 no. 7. — Toevoeging: Marty (bij R. O. p. 180 geciteerd) p. 266- 276, 366 noot 2.

P. 626. E. Art. 99 lid 1 no. 2. — In cassatie onaantastbare en daar te toetsen beslissingen.

P. 626 noot. — Toevoeging: Dat een beroep in cassatie, gericht tegen een feitelijke beslissing, niet deswege niet-ontvankelijk is, al moet het worden verworpen, overwoog H. R. 9 Okt. 1929 12050 p. 2 kol. 1—2. — Bij deze rubriek E vgl. Marty (bij R. O. p. 180 geciteerd) p. 177 vv. Zie o. a. 1. 1. p. 363, waarbij vgl. Mannheim (bij R. O. p. 543 geciteerd) p. 71—73.

P. 627 reg. 9 v. b. — Toevoeging: H. R. 7 Nov. 1928 W. 11918 over een berekening van iemands inkomen door een Raad van beroep in belastingzaken. — Zoo is ook feitelijk de beslissing dat een publicatie van het Uitvoerend Bewind van 15 Juli 1800 niet is ingevoerd: H. R. 25 Jan. 1850 W. 1098, R.spr. 34 § 77, v. d. Hon. G. Z. 10 p. 22. — Eveneens is de afkondiging eener verordening een feit, maar daar de verordening zonder de afkondiging niet verbindt zoodat, wordt zij toch toegepast, de wet is geschonden, is mede in cassatie te onderzoeken of

Sluiten