Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

«IJ

P. 645.

(met noot E. M. M.); 18 Dec. 1925 W. 11448 p. 2—3, N. J. 1926 p. 228 (vgl. het slot der noot E. M. M. p. 231 kol. 2).

P. 645 reg. 11 v. b. — Toevoeging: Vgl. H. R. 17 Juni 1927 W. 11703 p. 3 kol. 1—2, N. J. 1927 p. 1229.

P. 646 reg. 6 v. b. — Na „geeft" in te voegen: Vgl. Marty (bij R. O. p. 180 geciteerd) p. 256.

P. 646 reg. 11 v. b. — Toevoeging: 49 A. De beslissing die, uitgaande van den ervaringsregel dat er eenige tijd moet verloopen tusschen het neerkomen van vonken op een voorwerp en het ontstaan van een vlam, het onmogelijk heeft geoordeeld dat de vonken zooals ze zijn neergekomen dadelijk een vlam hebben doen ontstaan, is i. c. o.

H. R. 6 Febr. 1930 W. 12106, N. J. 1930 p. 674. Vgl. de concl. O. M. die ernstigen twijfel uitte of de ervaringstheorie van het Hof in cassatie kon worden aangevochten. Het arrest zelf zweeg daarover en is te herleiden tot de kategorie van het „ius in causa positum".

P. 647 reg. 9 v. o. — In plaats van „1921" lees nu: 1925.

P. 648 no. 58 i. f. — Toevoeging: Zie aangaande art. 157 Swb. (gemeen gevaar voor goederen te duchten) H. R. 2 Febr. 1925 W. 11341, N. J. 1925 p. 505.

P. 648 no. 59 i. f. — Toevoeging: Echter overwoog H. R. 8 Nov. 1926 W. 11596 p. 1—2, N. J. 1926 p. 1340 (op dit punt contra 0. M., dat de beslissing i. c. o. achtte): terecht is beslist dat hij, die bij een volksoploop met zijn motorrijwiel heeft doorgereden en dientengevolge een ander op diens rijwiel heeft aangereden, de veiligheid van het verkeer heeft in gevaar gebracht. — Men kan dit beschouwen als de toepassing van een algemeenen ervaringsregel, ook den Hoogen Raad bekend, die op dezen grond hiervan uitging dat de vaststaande feiten geen andere gevolgtrekking toelieten.

P. 649 reg. 14 v. b. en reg. 11 v. o. — In plaats van „1921" lees nu: 1925.

P. 653 reg. 16 v. o. — Na „H. R." in te voegen: 1 Juni 1927

Léon's Rspr., II 1, R. O., 2e ged. s. 10

Sluiten