Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij

P. 741.

Uitlegging van administratieve beschikkingen.

P. 741 reg. 10 v. o. — Na „p. 46" in te vroegen: voor een besluit van een Gemeenteraad tot het teruggeven van belasting H. R. 31 Mei 1929 W. 12027, N. J. 1929 p. 1098.

Uitlegging en kwalifikatie van overeenkomsten en andere niet processueele rechtshandelingen.

P. 742 reg. 6 v. b. — Na „vroegere" in te voegen: en latere

P. 742 reg. 8 v. b. — Na „gerangschikt" in te voegen: Ygl. voor de uitlegging van een besluit der ledenvergadering eener coöperatieve vereeniging H. R. 8 April 1926 W. 11493, N. J. 1926 p. 516.

P. 742 reg. 16 v. o. — Toevoeging: Zie nog de noot E. M. M. in N. J. 1927 p. 764 op H. R. 14 April 1927. De opmerkingen van P. S. 1. 1. p. 434—435 in zijn noot op H. R. 23 Dec. 1926 over rechtelijk en feitelijk element bij de uitlegging van overeenkomsten maken deze tegenstelling op een andere wijze dan die bij de cassatie gebruikelijk is. Daardoor zijn zij hier niet van belang. In zijn noot 1. 1. p. 1092—1093 op H. R. 5 Mei 1927 in verband met de concl. O. M., verwijst P. S. naar Jaarboek der Koninklijke Akademie v. Wetenschappen 1926—1927 p. 215—219 (zie aldaar p. 217 v. o. en p. 218). Vgl. voor Duitschland nog Manigk (bij R. O. p. 547 geciteerd) p. 146— 210, waarvan p. 146—156 over hetgeen, ook afgescheiden van de cassatie-vraag, uitgangspunt moet zijn bij de uitlegging der rechtshandelingen. Zie voorts Mannheim (bij R. O. p. 543 geciteerd) p. 75—82 jis p. 117—130; Marty 1. 1. p. 342—349. — Anders dan het door mij in Themis 1925 p. 192 over art. 1374 lid 1 B. W. gezegde, Micheels in W. 12137 p. 7, met beroep op de geschiedenis van art. 1134 C. c. M. i. heeft deze weinig waarde voor de uitlegging en toepassing van art. 99 R. O. Wij behoeven de strekking, die de makers van den C. c. aan zijn art. 1134 voor de cassatie toekenden niet

Sluiten