Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BIJ

P. 842.

P. 842 ïeg. 17 v. o. — Toevoeging: (12°) Een advocaat mag zich niet ter beveiliging zijner declaratie een vordering van zijn cliënt laten overdragen. Art. 1504 B. W. verbiedt het en het is in strijd met eer en waardigheid van den stand.

Raad van Toezicht Arnhem 20 Mei 1926 Adv.bl. 9 p. 125 (vgl. aldaar p. 127—131).

(13°) Het is niet verboden te voren het honorarium te bepalen.

Rb. Utrecht 2 Nov. 1927, te citeeren no. 8 bij artt. 31 vv. Tarief B. Z.

(14°) Tegen het bedingen van belooning voor het aanbrengen van cliënten (z.g. retourcommissies) vgl. Adv.bl. 12 p. 157—158 (2°).

(15°) Over een poging voordeel te behalen ter gelegenheid der executie van een deel van het vermogen van den cliënt, als steeds onkiesch en in het speciale geval strijdig met eer en waardigheid van den stand, zie H. R. 26 April 1928 W. 12077, N. J. 1930 p. 196, Adv.bl. 13 p. 37.

(16°) Het beding in een overeenkomst van stage tusschen twee advocaten dat, als die overeenkomst niet tot blijvende samenwerking leidt, de jonge advocaat zich niet zal vestigen in de plaats waar de ander zijn kantoor heeft, strijdt met den aard en de waardigheid van het vrije beroep van advocaat, dat geen bedrijf is. Dit beding is ongeldig.

Raad van Justitie Medan 22 Jan. 1926 Adv.bl. 9 p. 51—62, Ind. Tijdschr. v. h. Recht 123 p. 506.

P. 842 reg. 15 v. o. — Toevoeging: l. Over een „numerus clausus", al dan niet in Nederland voor de advocaten in te voeren, vgl. N. J.bl. 1 p. 482-483, 518.

m. Over ambten, ter wille hunner goede uitoefening bij de wet onvereenigbaar verklaard met de beroepen van advocaat en procureur, Bake in W. 115^5 p. 8 j° 11571 p. 7—8.

n. Over de verzekering door advocaten van hun beroeps^ risico Adv.bl. 11 p. 243—248,

Sluiten