Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gewijsde. Gezag van —.Beslissing over competentie —. I

p. 12—22

„ „ „ —. Beslissing over feiten. — lp. 163,

176—177

„ „ „ —. Praejudicieele beslissingen —. I bi/j

p. 14 (no. 5 A), p. 156 v. o.—182, 200—202

„ „ „ —. Ongevallenzaken. — lp. 290—292

„ „ „ —. Strafzaken. — lp. 14—15, 302—316

Gezanten. Vreemde —, leden legatie, hun bedienden enz.—I p. 748—752

„ Vreemde — Nederlandsche onderdanen. — I p. 741—742 Gezondheid. Openbare —. — lp. 549

Godsdienstleeraren. Rijkstraktement en Rijkspensioen. — I

p. 51 v. o.; II p. 78 (no. 4)

Goedkeuring van verordening en van bestuursdaad. — I p. 343—349

Graf. Eigen —. — II p. 67 (no. 8), p. 112—115, 338—339 Grondrente. — II p. 209—210, 278, 314—317, 510 Grondwet. Art. 122 lid 2. — lp. 238

„ Art. 136 lid 3, 147 lid 3. — I p. 466

Hand- en spandiensten. — II p. 519 (b)

Handelingen en cassatie. — II p. 547—552 Handelsmerk. Zie Merk Handelspapier. Zie Accept

Hechtenis. Vervangende —, appellabiliteit. — II p. 484—485 Heffing. Vrijheid van —. — II p. 110 (no. 4)

„ Zie Retributie Herhaling. Zie Recidive

Herstel in vorigen toestand. — Ip. 689 v. o.—691 Hiërarchische verhouding rechters. — II p. 29 v. o. Hinderwet. — lp. 186 (no. 13), p. 268 (no. 37), öi?'p. 345 (no. 76 B), byj p. 351 (no. 81 A), by) p. 545 (no. 9 A), p. 582—583; II byj p, 39

.

Sluiten