Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

keizerin Josephine!" snikte ik tegen hem. Napoleon sidderde, dacht even na en zei: „Je herinnert mij aan een derde hart, dat mij liefheeft; ik dank je, mijn vriend!" Daarop ging hij zitten en schreef dien brief aan Josephine, die den volgenden dag Constant heeft weggebracht.

—|Daarin hebt gij goed gehandeld, zei de vorst, — midden uit slechte gedachten hebt gij hem weer tot goede gevoelens geleid.

— Juist, vorst, en hoe schoon verklaart ge dat, overeenkomstig uw eigen hart! riep de generaal in vervoering uit. En zonderling, heusche tranen blonken in zijn oogen. -— Ja vorst, ja dat was een verheven tooneel! En weet ge, bijna was ik met hem meegegaan naar Parijs, en zou dan natuurlijk zijn deelgenoot zijn geweest op het „heete eiland der verbanning", maar wee mij! het lot voerde ons uiteen! Wij scheidden, hij ging .... naar het heete eiland, waar hij misschien nog wel eens in een uur van bitter verdriet zal gedacht hebben aan de tranen van den armen jongen, die hem omhelsde en hem vaarwel zei in Moskou; en ik werd naar het kadettencorps gestuurd, waar ik niets vond dan dressuur, grofheid der kameraden en.... Ach! Alles is verstoven! „Ik wil je niet aan je moeder ontrukken en je meenemen met mij," zei hij mij op den dag der terugtocht, „maar ik zou iets voor je willen doen." Hij zat al te paard. „Schrijf mij dan iets ter herinnering in het album van mijn zuster," vroeg ik schuchter, want hij was zeer verstrooid en gedrukt. Hij keerde zich om, vroeg een pen, nam het album: „Hoe oud is je zuster?" vroeg hij mij, terwijl hij de pen al klaar hield. „Drie jaar," antwoordde ik. „Petite fille, alors." En snel schreef hij in het album:

„Ne mentez jamais".

Napoléon, votre ami sincère.

Zóó'n raad op zóó'n oogenblik! niet waar, vorst?

— Ja, dat is merkwaardig.

— Dat blad heeft zoolang mijn zuster leefde in een gouden lijst achter glas in het salon gehangen, op de opvallendste

Sluiten