Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hem geheel mee door zijn verhaal en verklaring van het gebeurde. Dan spraken ze over het Petersburgsche klimaat, over de ziekte van den vorst zelf, over Zwitserland, over Schneider. De uitlegging van Schneiders geneesmethode en de verhalen van den vorst interesseerden hem zoo zeer, dat hij twee uur bleef zitten; daarbij rookte hij de voortreffelijke sigaren van den vorst, terwijl Lebedef een heerlijke likeur door zijn dochter Wjera liet presenteeren. Daarna was dan de dokter, een gehuwd man en vader van een gezin, zich aan bizondere huldebetuigingen tegenover Wjera te buiten gegaan, wat haar diepe verontwaardiging had gewekt. Men was als vrinden gescheiden. Toen zij bij den vorst vertrokken waren, had de dokter aan Lebedef gezegd, dat indien al dezulken onder curateele moesten, er geen voogden meer zouden overblijven. En op Lebedef's tragische verklaring over de dra te wachten gebeurtenissen, had de dokter listigjes het hoofd geschud en eindelijk opgemerkt, dat, nog gezwegen van het feit, dat het er „weinig toe deed wie met mekaar trouwden", de verleidelijke jonge dame, voorzoover hij tenminste gehoord had, behalve een bizondere schoonheid, wat alleen al in staat was om een vermogend man in te palmen, ook nog geld bezat van Totzky en Rogoshin afkomstig, paarlen en briljanten, sjaals en meubels, en dat daarom de keuze der aanstaande, niet alleen van uit het gezichtspunt van den waarden vorst, geen om zoo te zeggen, bizondere in t oogspringende domheid was, maar zelfs getuigde van listigheid, van fijnen wereldschen geest en berekening, en dus bijdroeg tot een tegengesteld en voor den vorst zeer vleiend oordeel....

Die gedachte had Lebedef getroffen; en daar was hij dan ook bij gebleven, en thans, voegde hij er tegenover den vorst aan toe: „thans zult ge niets anders van mij beleven dan toewijding en bereidheid mijn bloed te offeren; daarom ben ik ook gekomen".

Ook Hippolyt bezorgde den vorst gedurende die laatste dagen afleiding; hij liet hem heel dikwijls roepen. Zij woon-

Sluiten