Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ook nog bang omdat het zwoel is, dat er lucht bij zal komen. Ruik je de lucht of niet?

— 'tKan zijn dat ik ze ruik, ik weet het niet. Tegen den morgen komt er zeker lucht.

— Ik heb zeildoek over haar heen gelegd, goed Amerikaansch zeildoek en dan over het zeildoek het laken en ik heb vier open fleschjes Jdanofsche vloeistof er neer gezet; die staan daar nu ook.

— Zooals .... in Moskou ?

— Voor de lucht, broeder. En hoe ze daar ligt.... Morgenochtend als het helder wordt, zul je het zien. Wat heb je, kun je zelfs niet opstaan? vroeg Rogoshin met angstige verwondering, toen hij zag, dat de vorst zoo beefde, dat hij niet opkomen kon.

— Mijn beenen willen niet, mompelde de vorst, —- dat doet

de angst, ik ken dat maar de angst zal voorbij gaan,

en dan zal ik ook staan kunnen....

— Wacht dan, ik zal intusschen ons bed klaarmaken en ga dan liggen .... en ik naast je.... dan zullen we luisteren .... want, makker, ik weet nog niet.... ik weet nu nog niet alles, makker dat zeg ik je ook van te voren, opdat je er van te voren geheel van op de hoogte bent....

Terwijl hij deze onklare woorden murmelde, begon Rogoshin het bed te spreiden. Het was duidelijk dat hij zich dat bed misschien 's morgens al wel had uitgedacht. Den vorigen nacht had hij zelf op den divan gelegen. Maar voor twee naast elkaar was op den divan geen plaats, en hij wilde nu eenmaal beslist naast den vorst liggen; dus sleepte hij dan nu ook met alle krachtsinspanning de groote en kleine kussens der beide divans de heele kamer door tot vlak bij den doorgang van het gordijn. Iets als een bed kwam gereed; hij ging naar den vorst, nam hem met een verrukte teederheid bij den arm, hielp hem op en leidde hem naar het bed; het bleek echter dat de vorst zelf loopen kon, dus „de angst was voorbijgegaan"; hij sidderde echter nog wel.

— Aangezien het nu, broeder, begon plotseling Rogoshin,

Sluiten