Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

opgewonden op, — dat, dat ken ik, dat heb ik gelezen ... dat heet inwendige verbloeding . .. Het gebeurt dat er zelfs geen druppel komt. Dan heeft de stoot juist in het hart getroffen.

— Stil, hoor je dat ? onderbrak hem Rogoshin plotseling gehaast terwijl hij verschrikt overeind kwam ; — hoor je dat ?

— Nee, zei de vorst die Rogoshin aankeek, even gehaast en verschrikt.

— Er loopt iemand! Hoor je ? In de zaal....

Beiden luisterden.

— Ik hoor het, fluisterde de vorst overtuigd.

— Er loopt iemand ?

— Er loopt iemand.

— Zullen we de deur op slot doen of niet ?

— Op slot doen ....

Zij sloten de deur af en beiden gingen weer liggen. Lang zwegen zij.

— Ach, ja! klonk plots weer het opgewonden en haastig gefluister van den vorst, als had hij weer een gedachte vast en als was hij vreeselijk bang ze weer te verliezen, terwijl

hij zelfs van het bed opsprong. — Ja ik wou immers

die kaarten! de kaarten!.. .. Ze zeggen, dat je met haar kaart speelde ?

— Dat deed ik, zei Rogoshin na een oogenblik stilte.

— Waar zijn dan .... die kaarten?

— Die kaarten .... zijn hier. Rogoshin had nog wat langer gewacht voor hij antwoordde. — Kijk....

Hij haalde een gebruikt spel kaarten, in papier gepakt, uit den zak en reikte het den vorst toe. Deze nam het aan, maar als weifelend. Een nieuw droevig en troosteloos gevoel perste zijn hart samen; hij begreep opeens, dat hij op dat oogenblik, en reeds lang, steeds niet daarvan sprak, waarvan hij moest spreken, noch deed wat hij moest doen, en dat die kaarten daar, die hij in zijn handen hield, en waarover hij zoo blij was geweest, nu niets, niets meer konden helpen. Hij stond op en wrong de handen. Rogoshin lag onbeweeglijk als zag of hoorde hij niets van wat de vorst deed, zijn oogen schit-

Sluiten