Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

trieken en andere „voorrechten" 1 is het in den aanvang genoemde beginsel daarom doorbroken en is bepaald, dat deze voorrechten en hypotheken bij de schuldvernieuwing in stand kunnen worden gehouden (art. 1457). 2 Zeker zal dit dus kunnen geschieden t. a. v. een hypotheek, door den ontslagen debiteur op diens eigen goederen gegeven. 3 Zal het voorbehoud zich ook kunnen uitstrekken over hypotheken door derden op de hun toebehoorende goederen verleend? De wet sluit deze toepassing niet uit en de motieven, die er toe leidden, het maken van een voorbehoud mogelijk te maken, gelden even goed hier als in het geval, dat de debiteur

1 Onder deze voorrechten zal men echter in de eerste plaats pandrecht moeten verstaan, dat in den C. C. als een species der privileges wordt beschouwd. Bij de totstandkoming onzer wet heeft men vermoedelijk vergeten, dat dat in ons wetboek anders was. Het is zelfs de vraag of dit met het eenige voorrecht is, waarop de bepaling het oog heeft want het is ongetwijfeld vreemd, dat men andere voorrechten zou kunnen voorbehouden, zelfs bij objectieve novatie, tusschen dezelfde partijen Stel dat een huiseigenaar met zijn huurder, die portretschilder is, overeenkomt, dat deze des eigenaars portret zal maken tegen kwijtschelding der achterstallige huur. Zou, indien de huurder deze nieuwe verplichting met nakwam, de verschuldigde schadevergoeding met recht van voorrang op de mvecta et illata van den huurder kunnen worden verhaald ? Het valt mij moeilijk dit te gelooven. Zie in anderen zin Gomperts blz. 64. En dat voor behoud van voorrecht bij subjectieve schuldvernieuwing mogelijk zou zijn acht ik geheel uitgesloten. Op het vermogen van den ontslagen debiteur bestaat geen verhaalsrecht meer; hoe zou dan daarop een bevoorrecht verhaalsrecht mogelijk zijn ?

2 Voor borgtocht en medeschuldenaarschap bestaat deze mogelijkheid met, doch is zij ook niet noodig, daar borgen en solidaire debiteuren zich altijd opnieuw tot verzekering der nieuwe schuld kunnen verbinden terwijl de crediteur (dat het woord „schuldenaar" in 14603 een drukfout is voor schuldeischer, wordt algemeen toegegeven) kan weigeren, om zoolang dit met gebeurd is, de schuldvernieuwing tot stand te doen komen (art. i46o2). Het is natuurlijk mogelijk, dat de borgen enz. reeds bij het aangaan van de borgtocht zich verbonden hebben ook bij ev schuldvernieuwing borg te blijven. V. z. v. zij beloven dit ook te doen indien de persoon des crediteurs zou veranderen (delegatie) kan men zoo n beding beschouwen hetzij als een aanbod, hetzij als een beding ten behoeve van een derde.

3 Art. 14 = 8 voegt er bij dat de voorrechten en hypotheken niet „overgaan ' op de goederen van den nieuwen schuldenaar. Dat zou ook al te vreemd zijn. Mogelijk is de geheele bepaling niet dan een verschnjvmg van den wetgever, zooals Kapi eyxe (Themis 1881 blz 552) onderstelt. • ■ dd )

Sluiten