Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schen winter niet blijven, maar met de hulp der goden zou hij z'n onkosten kunnen dekken. En dat was — weiss Gott! - te wenschen ook, want reserves had het circus niet meer; de slechte tijden hadden ze opgeteerd. .. waren dat ook tijden tegenwoordig! Slechts de bioscopen maakten goede zaken; die teelden wierig op de ruïnes dezer wereld en zogen er zich uit vol. Gottfried Sturm haatte ze, haatte hun brute en unfaire concurrentie, misschien ook wel in het duistere voorgevoel, dat ze de circussen eens van den laatsten levensadem zouden berooven. - Nu, dat hoefde de buitenwereld niet te weten: hoe hij en zijn zaak er dezen herfst voorstonden. Zijn menschen konden het ongeveer vermoeden, maar zij hadden vertrouwen in hem. Hij was door meer heengerold. Toen, met de olifanten! .. .Als hij het voorjaar nu maar haalde. Dan zag de wereld er weer anders uit.

Een ander papiertje. Namen. Gisteren had hij de twintig, dertig, waar het 't meest op aankwam, uit het telefoonboek afgeschreven. Opschrijven en later nog eenmaal overlezen - dan kende hij ze. Slechts een paar kwamen hem van vroeger nog vertrouwd voor. Het fascistisch bewind had overal andere namen gebracht, en deze andere namen waren andere menschen. Dat was zijn bezwaar tegen het fascisme.

Namen... namen... hoeveel had hij er wel in zijn hoofd zitten? Hij kon ze slechts onthouden doordat hij tusschen de namen en de personen aan wie ze toebehoorden een bepaald verband trachtte te leggen, soms zoo bizar, dat de betrokkenen zelf er ernstig door gechoqueerd zouden zijn geweest, indien ze er ooit van hadden ervaren. Waarvoor intusschen natuurhjk geen gevaar bestond. Het resultaat van dat geperfection-

Sluiten