Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te nemen, liever dan hun markt bedorven te zien?"

„Dat weet de hemel alleen."

„Laten we er een telegram aan wagen, Signor Sturm."

Gottfried Sturm herstelde zich een weinig. De kleine activiteit van zoo geheel nieuw soort, waartoe die jongen hem wist te bewegen, deed in elk geval zijn overkropten zenuwen goed. Hij kon er zich niet duidelijk rekenschap van geven of hij het ook aan Rambaldo te danken had, dat hij zich binnen den tijd van een kwartier zoo geheel van zijn circus en van zijn uitzichtloos geworden strijd om het voortbestaan van dat circus had kunnen losmaken; hij was slechts diep-verwonderd, dat hij er zich thans zoo rustig over hoorde praten. Hij wilde wel toegeven, dat er meer in dien Napolitaanschen jongeman zat dan hij op het eerste gezicht vermoed had - daarom hoefde hij echter nog niet geheel de teugels uit handen te geven.

„Dat telegram gaat vandaag nog weg," zei hij, met bet herwonnen overwicht van den oudere, ervarenere. „Ik hoop, dat uw kijk juist zal bhjken te zijn geweest. Noteert u maar verder: zestien volbloed Andalusiërs, achttien ponies, veertig karrepaarden. Zes panters, veertien kameelen en nog een handvol kleinere dieren. De zeeleeuwen zijn van kapitein Olavson. Verder: woonwagens, kooiwagens, requisieten, allerlei leeren tuig, een goed onderhouden Mercedes wagen..."

Hij ironiseerde de armzaligheid van deze optelling, die hem zelf door haar schrikbarende schraalheid verschrikte. Het scheen hem alsof hij den inventaris van een levend mensch moest opmaken en daarbij slechts onderdeden van het skdet opsomde. Maar hij kon immers niet noemen al wat onverkoopbaar was en voor hem zelf toch steeds de eigenlijke waarde van zijn

Sluiten