Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

werking op hen. Toen ze eindelijk Rambaldo zagen aankomen, wierpen ze midden in het spel de kaarten neer.

Rambaldo naderde met snelle, veerende schreden; zoojuist was een lang onderhoud met Silvestre di Rosa, den leider van het Arcadia-variété-theater, geëindigd met een voorloopig emplooi voor misses Brown en kapitein Olavson, met zijn zeeleeuwen.

Rambaldo uitte zijn oprechte verwondering erover, de heeren hier allen reeds weer verzameld te vinden (op den Sardijnschen slager na, die met barstende hoofdpijn te bed lag). Hij leidde hen binnen in zijn kantoortje, excuseerde zich wegens het tekort aan stoelen, zette zich zelf echter achter zijn bureau en hoorde ernstig hun zorgen aan.

„Goed, dus nou toch weer niet leveren," zei hij en wist de vermoeidheid van gistéfen weer in zijn stem terug te vinden. „Wie hebben jullie bij het onderteekenen van jullie belofte nóu eigenlijk voor den gek gehouden: mij of jezelf? - Ik zal zeggen wien jullie voor den gek houden 1" zei hij plotseling driftig en met verheffing van geluid, trok het telegram der Stuttgarter firma uit zijn portefeuille en wierp het op tafel.

Daar het echter in het Duitsch gesteld was, staarden de anderen er vergeefs op.

„Ah, si!" zuchtte Rambaldo, alsof hem dat nu pas bewust werd. Hij diepte een podood uit zijn vestzak op en schreef, achteroverhangend in zijn stoel, boven elk woord de Italiaansche vertaling ervan - en eronder (alsof het hem niet meer de moeite waard was, zijn gesproken woord nog aan hen te verspillen): „Dit beteekent veertigduizend hre. Ramb. F."

De crediteuren bogen zich over het telegram en wis-

Sluiten