Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Napolitaansche mannetje de vlag; de fabrikant wilde zich naar den vendumeester begeven, maar deze stelde hem glimlachend gerust: hij hoefde geen bedrag te storten; de firma-naam „Sole Chiaro" stond borg voor hem.

Het kleine onopvallende Napohtaantje was spoorloos verdwenen. Later zou hij zich nog wel voor zijn provisie melden.

In het pauze-uur kon Rambaldo aanvankelijk geen pas verzetten, of een der crediteuren klampte zich aan hem vast en wilde nog eens bevestigd krijgen, dat alles tot nu toe boven verwachting goed ging. Hij knikte slechts, verhit en afgetobd; tenslotte blafte hij hun deftig toe, hem nu alsjeblieft eindelijk met rust te laten. Dit krachtige verzoek maakte nog meer indruk dan duizend verzekeringen, dat deze veiling een succes was.

Rambaldo zelf begreep het niet. Het was tot nu toe zijn diepe en onomstootehjke overtuiging geweest, dat cijfers logen. Zouden ze het dezen keer niet hebben gedaan? De raming was tot nu toe ver overschreden. Straks zou het nog zoover komen, dat alle schuldeischers betaald konden worden en dat er zelfs nog geld overschoot. Straks kwam het nog uit, dat hij hen toch niet had belogen. Dan zou hij er slechts aan moeten beginnen te twijfelen, of hij werkehjk wel een talentvol jurist was.

De leeuwen ... daarvan hing natuurlijk tenslotte alles af. En als het wonder zich nu eens voltrok, dat ook voor de zestig leeuwen straks een kooper opdaagde? Alles achtte hij vandaag mogehjk.

Zoo verwonderde het Rambaldo verder dan ook niet, dat hij op het terrein eensklaps de deftige Napohtaansche familie uit de loge van het Arcadia-variété-

Sluiten