Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nu eigenlijk de zorg voor de kameelen had; of die geheel aan de Senegaleezen waren toevertrouwd... ?

De stuurman vond zonder aarzeling het bedoelde restaurant terug; het lag ergens in een zijstraatje verscholen en zag er vertrouwenwekkend smerig uit; Jeffries rook dadehjk, dat hier goed gekookt werd, en stapte vooraan. Hij was in een overmoedige bui geraakt, doordat de overtocht nu ook geregeld was, en verklaarde aan madame Sylvia, dat hij zich juist in de goede stemnüng voelde om een robbertje te vechten, en dat ze verbaasd zou zijn over zijn straight uppercuts en over zijn dubbelen nelson-greep. Hij zei haar ook, dat zij niet ongerust hoefde te zijn, want dat ze zich immers in het allerbeste gezelschap bevond: de stuurman zag er ook wel uit, of hij zijn mannetje aan kon. Madame Sylvia zei, dat het haar heelemaal weinig schelen kon zoolang er maar niet met glazen gegooid werd, en Jeffries verzekerde galant, dat hij den eersten, die een glas in zijn hand nam, een stoel naar het hoofd zou smijten. Een blik in het lokaal stelde hem echter teleur; het pubhek daarbinnen was ordentelijk als overal elders en geheel nuchter. „Dat is bij ons in Buffalo anders I" verzuchtte Jeffries, volkomen terneergeslagen.

Ze aten kreeft en zeetong en frutta di mare en calamaio fritto en dronken er den eenen fiaschetta wijn na den andete bij leeg, en Jeffries raakte weer aan het droomen en spon den anderen zijn nieuwste plannen voor. De Grieksche kapitein en de stuurman waren er spoedig al evenzeer door geboeid; ook zij werden gevangen in het avontuur met de zestig leeuwen; zij voelden er zich zelf reeds eenigszins bij behooren en bogen zich over het groezelige tafelkleed vol wijnvlekken, om zich niets te laten ontgaan.

Sluiten