Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Sedert ongeveer 1400 werd Malaka door zijn gunstige ligging aan de zeestraat, die het Zuiden van Azië met het Oosten verbindt, meer en meer het bedrijvig middelpunt van den handel in het Oosten, waar de Mohammedaansche kooplieden uit Acabië, Perzië, Malabar, West-Dekhan, Goedjcat en Bengalen, de Hindoe's van de kust van Koromandel en de Chineézen uit het verre Oosten elkaar ontmoetten. Men moet wel aannemen*/dat ook daar, behalve de aangebrachte specerijen — het meest gezochte handelsartikel van dien tijd — de bezoarsteenen een gezocht product uit" maakten op de handelsmarkt.

Toen Malaka in 1511 in handen der Portugeezen viel, was het met den vrijen handel gedaan. Zij monopoliseerden dien en Lissabon werd nu de machtige Europeesche stapelplaats hunner Indische koopwaren, allereerst van de geurige, uitheemsche kruiderijen, maar ook van de toen in ons werelddeel reeds beroemd geworden bezoarsteenen. De geleerde onderzoeker Charles de l'Escluse (Clusius) gewaagde er ia 1567 van, dat hij in Portugal''s hoofdstad allerlei soorten van deze steenen zag verhandelen.

Zoodra de Portugeezen hun factorijen en etablissementen in het Oosten hadden gevestigd, zijn hun medici begonnen de voortbrengselen der nieuwe landstreken te bestudeeren. Een der meest bekenden van hen was Garcia da Orta. Hij ging in 1534 naar Indië, waar hij in Goa als arts en botaniker werkzaam was. Hij was nu in de gelegenheid nader kennis te maken met de diverse bezoarsteenen in het land, waar zij „groeiden", zooals het toenmaals heette, en hij vertelt er allerlei bijzonderheden van in zijn, in dialoogvorm opgesteld, werk: Colloquios dos simples e drogas da India („Gesprekken over de geneesmiddelen en drogerijen van Indie") i) waarvan door onzen Jan Huygen van Uitschoten later een ruim gebruik is gemaakt bij de bewerking van zijd, in 1595 verschenen „Itinerario." 2)

Orta weet ons heel genoeglijk over den „pedra bezar" bezig te houden, naar aanleiding van hetgeen hij door de Perzische en andere kooplieden daarover hoorde vertellen, en uit het enthu-

*) Van dk werk, dat in 1563 het eerst te Goa is gedrukt, verscheen vier jaren later een Latijnsche vertaling van Clusius bovengenoemd. Hier wordt gecit. naar de critische uitgave van de hand van Fr. de Ficalho, 2 dln., Lisboa, 1891/95.

a) Zie de uitgave v. Dr. H. Kern (Werken Linschoten-Vereeniging), dl. 2, 1910, p. 68. '

Sluiten