Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zy is echter omgeven door een flink begroeid erf, waarvan de boomgaard aan het boezemwater de Oude Koedood grenst. Vroeger was deze plaats gelegen in een wild- en vischrijke omgeving, waar men zich naar hartelust kon vermaken met visschen en jagen.

Wanneer wij de hoeve naderen, bemerken wij alras, dat het woongedeelte van dit complex een bijzonder geval. is, dat door zijn architectuur, zijn indeeling, alsook door den ganschen opzet iets anders vertoont, dan men zou verwachten. (Afb. 31).

Bij het beschrijven van de gesloopte huisjes aan den Heijschedijk te Pernis (Afb. 3), alsook van het verdwenen Jachthuis van de graven van Egmond te Poortugaal (Afb. 23), heb ik reeds met een enkel woord naar deze boerderij verwezen en wel in verband met onderlinge overeenkomst in bouwwijze en bestemming.

Het woonhuis van „Ree-Stijn" is dan ook in deze streek nog het eenige overgebleven voorbeeld van een voormalig jachthuis en het verheugt ons daarom des te meer, dat de tegenwoordige eigenaar voor het behoud van dit typische bouwwerk goede zorg draagt, waardoor het geheel dan ook in een behoorlijken onderhoudsstaat verkeert.

De voorgevel van het jachthuis — nu van de woning van den eigenaar — geeft waarlijk een mooi overblijfsel te zien van den Oud-Hollandschen bouwstijl uit de helft der 17e eeuw, dat stellig waard is om in stand te worden gehouden.

Wanneer men in vroegere tijden geen raad wist om groote woonoppervlakten door één kap te overdekken, bracht men hierover twee naast elkander liggende smallere kappen aan, die door een zakgoot werden gescheiden. Hierdoor ontstonden als van zelf, aangegeven door de dakconstructies, de twee naast elkander liggende topgeveltjes, die men ook hier aan voor- en achtergevel waarneemt.

De voorgevel van het woonhuis, in prachtige licht-roode baksteen gemetseld, heeft eene onsymetrische vensterindeeling, die toch aangenaam en rustig aandoet. De twee rechtsgelegen groote vensters, die voorheen nog wel hooger zijn geweest, en de leuke smalle, hooge voordeur, kwamen eertijds vermoedelijk uit in het groote hoofdvertrek van het jachthuis, terwijl de kleinere vensters aan de linkerzijde van de voordeur tot een opkamer behooren, waaronder de kelder is gelegen, die over de volle diepte van het woonhuis doorgaat en vroeger aan den voorgevel een buitentoegang

Sluiten