Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EEN PELGRIM OP AARDE

AANKLAGER. Schijnheilig is zijn armoede en een logen, Daar uur aan uur zijn groote rijkdom wast En buiten deze deur, voor aller oogen. Zijn lastdier zwaar met schatten staat belast!

NORBERT.

Weet gij, waartoe mijn dier gezadeld staat? Tot Christus, die in eiken arme gaat. Wanneer Hij komt, mijn lastdier zal ontbinden En in mijn dier een dartel veulen vinden; Weet dan, waartoe mijn ezel staat bevracht!

KUNO.

Ik zie, o Zoon, dat gij aardsch goed niet acht

En enkel jaagt een apostolisch leven,

Maar velen vóór u reeds en ongeacht

De drijfveer en de krachten van hun streven.

Hebben, als gij, dezelfde leus verheven

En niets dan onheil over ons gebracht

In menig ketter kwam een heilige om,

Een vurig paard behoeft een sterke breidel.

Vindt gij 't vermaan wat ouderwetsch of dom

Vergis u niet, mijn zoon, het is niet ijdel!

Gij zijt dergenen een, die in de kracht

Des woords uw heil zoekt, méér dan in 't ferment

Van wijsheid, dat de Meester, in den nacht

Der droefheid, neerlei in Zijn Sacrament

Van Liefde, die de wereld moet doordringen;

Want zij alleen voltrekt de groote dingen

En zonder vorm van luidheid of protest

Bedaar dan, zoon: De Liefde doet haar best

Met wijze langzaamheid en zéér bezonnen,

Want voor de Liefde is de wereld pas begonnen

Zij is de bloesems van haar dageraad.

Sluiten