Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK III.

Bescherming van den kweekerseigendom in andere landen.

Het is van belang te beschrijven wat men tot nu toe in het buitenland op het gebied der bescherming van nieuwe plantenvormen gedaan heeft, omdat de voorstanders dezer wetgeving hiernaar veelal verwijzen. Wij vangen aan met de Vereenigde Staten van Amerika, die hun bescherming van nieuwe plantenvormen geheel opgenomen hebben in de bestaande octrooiwetgeving. De wet van 23 Mei 1930, voorgesteld door den afgevaardigde van Delaware Mr. Townsend, is hierachter opgenomen als Bijlage 3; het advies van het Committee on Patents als Bijlage 4.

In de Vereenigde Staten kunnen octrooien verleend worden op knopvarianten (in het Engelsch „sport ), mutanten en hybriden. Voorwaarde voor de octrooieering is evenwel dat de plant langs ongeslachtelijken weg moet worden voortgeplant, dus bijv. door enten, afleggen, deelen, splitsen, enz. Planten, die door zaad voortgeplant worden, kunnen niet geoctrooieerd worden, wat de zeer belangrijke groep der granen uitsluit.1)

i) Hierin wordt ook weinig door particuliere kweekers gewerkt. Prof. Dr. Roemer, die in de Mitteilungen der Deutschen Landwirtschaftlichen Gesellschaft, 1926, p. 324 zijn indrukken van een reis door Amerika beschrijft, zegt hieromtrent:

„Die Züchtung arbeitet im groszen Stil nur an wissenschaftlichen Instituten. Private Züchter gibt es einige wenige, die eine staatliche Beihilfe in Form von Geld nicht erhalten, die aber, wie ich bei den Gebr. Funk, einer groszen Maisfirma, festgestellt habe, dadurch unterstutzt werden, dasz ihnen der wissenschaftliche Saatzuchtleiter vom Staate gestellt wird.

So hat z.B. das Institut in Madison in wenigen Jahren erreicht, dasz von den Roggenf lachen Wisconsins ^ 90 % mit einer Roggensorte des Instituts angebaut sind."

Sluiten