Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Plant Patent 16. (plum). The skin is thick, tough and very waxy; the stone or seed is irregular oval to ovate and variable in several characters.

Plant Patent 29. (cherry). Maturity very late, ten days after Montmorency. Size medium: 11/16 inch in axial diameter, 13/16 inch longest transverse diameter, 12/16 inch shortest transverse diameter.

Plant Patent 34. (carnation) — the distinctive and pleasing color — the mild rather than strong odor —

Plant Patent 39. (brambleberry). It is especially adapted for use as a canning fruit and also makes excellent pie filler, jelly, jams, wine, etc. —

Plant Patent 57. (apple). Size-medium to large; form — conical to oblate-conic; unsymmetrical, nearly regular in cross-section; stem -medium length and thickness, brown, pubescent; base-broad; cavity-wide, deep, acute, pubescent, with thin brown russeting, extending nearly over the entire cavity; apex-medium width; basin-rather narrow, shallow, obscurely 5-furrowed; calyx-small, closed; lobes-green, convergent, pubescent.

Van de weinige beschrijvingen, die een serieus karakter dragen, is No. 55, van een waterlelie, de meest opmerkelijke. Hier is inderdaad een beschrijving geleverd en de afstamming opgegeven op een wijze, die tenminste bij eventueele collisie met andere octrooien een weinig houvast zal bieden.

Zijn deze vormen van beschrijvingen en de extensieve bewoordingen der claims een gevolg van het feit, dat zij naar alle waarschijnlijkheid door octrooibureaux zijn samengesteld, die er steeds naar streven bij industrieele octrooien de omschrijvingen zoo wijd mogelijk te maken, wat dan door het Patent Office weer binnen nauwere grenzen teruggebracht wordt? Deze politiek is daarom van belang, omdat bij eventueele octrooischending slechts onderzocht wordt, of het door den gedaagde geconstrueerde valt binnen de omschrijving van het octrooi van eischer. Bakker (Patent Law,1920, p. 275) zegt: „The only matter that can bedecided is, whether the scope of the invention covers the particular device which is alleged, in the suit, to infringe. The question therefore takes the true form of an inquiry whether the defendants

Sluiten