Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bezit voor wat hij koopt; de kweeker heeft er evenwel belang bij, dat nu in den handel van niet-erkend zaad niets onder zijn rasnaam verkocht wordt. Daartoe laat hij zijn rasnaam inschrijven bij het „Reichspatentamt", dat zijnerzijds om te verhinderen, dat een naam ingeschreven wordt voor een ras, dat reeds onder anderen naam in den handel is, slechts inschrijft na bericht van de registercommissie (doch dit tot dusver alleen voor aardappelen).

Hierdoor is dus reeds een zekere mate van bescherming verkregen voor de kweekers, maar dezen wenschen meer wettelijke vastlegging en verdere uitbreiding hunner rechten. Het ministerie van landbouw heeft een ontwerp (zie Bijlage 8) samengesteld, dat den rijksraad reeds gepasseerd is, maar daar de rijksdag sinds geruimen tijd geen wetgevende arbeid meer verricht, is het blijven liggen. Op ons verzoek om informatie aangaande het te verwachten lot van het ontwerp, deelt het ministerie van landbouw ons bij schrijven van 30 Juni 1933 mee, dat „voraussichtüch in absehbarer Zeit mit dem Inkrafttreten des Züchterschutzgesetzes wird gerechnet werden können."

Volgens het ontwerp komt een nieuwe vorm op de bovenaangehaalde wijze in het register der commissie, die hiermee een wettelijke basis voor haar handelingen verkrijgt; alleen in het register ingeschreven rassen zullen met de aanduiding „origineel in den handel gebracht mogen worden. Vereischten voor die inschrijving blijven nieuwheid van het ras en het bezit van eigenschappen, die een aanmerkelijke vooruitgang (erheblicher Fortschritt) beteekenen boven bestaande rassen. Wie eersten of tweeden nabouw van een ingeschreven ras onder vermelding of aanduiding van den naam van den kweeker of van de plaats waar het bedrijf van den kweeker of van de plaats waar het bedrijf van den kweeker uitgeoefend wordt of onder opgave van den rasnaam of verwijzing daarnaar als zaad- of pootgoed schriftelijk aanbiedt, verkoopt of in het verkeer brengt, heeft daartoe de toestemming van den kweeker noodig, ten wiens name het ras ingeschreven staat. Voor aardappelen is deze toestemming ook voor verderen nabouw noodig, wanneer deze als erkende nabouw verkocht of naar het buitenland uitgevoerd zal worden.

Deze toestemming geldt als verleend, wanneer bij verkoop

Sluiten