Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was voor hem het classieke voorbeeld van een Vernichtungsschlacht, waarin een minderheid dank zij het veldheersgenic van haar aanvoerder wist te zegevieren. „Nach der Grundform eines Cannae geht eine breite Schlachtlinie (Hannibal) gegen eine schmalere, meistens aber tiefere Schlachtlinie (Varro) vor. Die überragenden Flügel schwenken gegen die Flanken, die vorausgehende Kavallerie (Hasdrubal) gegen den Rücken ein. Sind die Flügel durch irgendeine \ eranlassung von der Mitte getrennt, so ist es nicht nötig, dass sie an diese herangezogen werden, um dann gemeinsam den Marsch zur umfassenden Angriff anzutreten; sie können unmittelbar auf dem nachsten Wege gegen die Flanken oder den Rücken vorgeführt werden. Das ist das, was Moltke „die \ ereinigung getrennter Teile auf dem Schlachtfelde" nennt und für das höchste erklart, was ein Feldherr leisten kan" i.

Ook in den modernen tijd met zijn dertigvoudig sterkere legers blijft Hannibals operatie mogelijk, mits de hoofdaanval zich maar niet tegen het vijandelijke front richt, want „das Wesentliche ist, die Flanken einzudrücken". In alle toonaarden en met tientallen van, soms gewrongen geïnterpreteerde2, voorbeelden uit de krijgsgeschiedenis heeft Schlieffen telkens opnieuw betoogd, dat de omvattende beweging het

1 Generalfeldmarschall Graf Alfred van Schliessen, Cannae. Mit einer Auswahl von Aufsatzen und Reden des Feldmarschalls sowie einer Einführung und Lebensbeschreibung von General der Inf. Freiherrn von Freytag-Loringhoven (Berlin 1925) p. 257. Schlieffens Gesammelte Schrifte, in 1913 verschenen, zijn uitverkocht; in de door ons hier aangegeven en gebruikte uitgave vindt men al zijn belangrijkste publicaties herdrukt.

2 Vandaar de critiek van generaal v. Schlichting en de opmerking van Réginald Kann (Le Plan de Campagne allemand de 191b ei son Exéculion, Paris 1923, p. 17): „L'histoire militaire est une science extrêmement malléable a laquelle on peut arriver a faire dire a peu prés ce qu'on veut." Napoléons overwinningen, die niet in Schlieffens schema passen (Montenotte, Montmirail), gaat hij stilzwijgend voorbij of verklaart hij, zooals Austerlitz, geheel anders dan ieder, Napoléon zelf incluis, tot dan toe deed. Maar Schlieffen was niet op de eerste plaats historicus; zijn werk had eigenlijk slechts deze eene didactische strekking: den weg te wijzen, „auf dem das deutsche Volk aus der Urnklammerung der übermachtigen Feinde sich befreien kann. (Groener p. 238).

Sluiten