Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lijkheid van het probleem, waarvoor Schlieffen de oplossing had te zoeken, toch ook veel te zeggen voor zijn opvatting. Hij moest binnen den kortst mogelijken tijd op het Westelijke front een beslissende overwinning behalen in een oorlog die, op ongekende schaal, volk tegenover volk, massalegei tegenover massaleger zou plaatsen; hij mocht niets aan het toeval overlaten en hij moest, op de dwingendste wijze het initiatief nemend en behoudend, den vijand zijn wil opleggen, Dat zou alleen mogelijk zijn door een principiëelen opzet, die met ijzeren consequentie werd uitgevoerd.

Natuurlijk is niet alleen het algemeene deel van Schlieffens leer maar ook en vooral zijn offensieve plan door België ernstig gecritiseerd. Deze critiek kwam voornamelijk van de zijde der historici en der niet tot de hoogere leiding behoorende officieren. Principiëel verwierp b.v. de bekende geleerde Hans Delbrück1 voor den modernen tijd, en zeker voor het Duitschland van 1914 Schlieffens Vernichtungsstrategie, waartegenover hij een Ermuttungsstrategie, die van den beginne op remise zou spelen, de juiste oplossing acht. Generaal Snijders is van dezelfde opinie 2. Maar wij kunnen hier niet treden in uitvoerige beschouwingen over het politico-strategische voor en tegen van Schlieffens offensieve plan door België. Wij verwijzen naar de uitvoerige litteratuur dienaangaande en stellen vast, dat de overgroote meerderheid der Duitsche zoowel als der gealliëerde militaire auteurs Schlieffens plan in strategisch opzicht onomwonden als een grandioze conceptie waardeeren. De mislukking van 1914 schrijven Groener, Foerster, Krauss, v. Fran^ois, Ritter en vele anderen dan ook niet toe aan de fouten van Schlieffens plan, maar aan het feit, dat dit plan verwaterd was en in de uitvoering de legerleiding bovendien niet bij machte bleek om de toch nog aanwezige kansen tot doorslaand succes te grijpen. Om dit te beoordeelen is het noodig Schlieffens laatste plan te vergelijken met het plan, dat door den jongen Moltke in 1914 werd uitgevoerd.

1 Men vergelijke zijn studie Die strategische Grundfrage des Weltkrieges (in de Preussische Jahrbiicher, Band 183, Berlin 1921).

2) L.c. p. 49.

Sluiten