Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

III

HET BEGIN DER VERVOLGING

Hoe vol vertrouwen en goeden moed de stemming in het Duitsche hoofdkwartier was na de ontvangst der al te geflatteerde zegeberichten werd in de Inleiding verhaald. Op 24 Augustus schreef Tirpitz zelfs: „Die Kraft der französischen Armee ist jetzt schon fast gebrochen" 1 en dit is inderdaad een korte spanne tijds de overtuiging geweest der O.H.L.

Deze opvatting heeft gevolgen gehad van bijzondere importantie. Den grooten slag in het W. achtte men gewonnen en zoo was dus het oogenblik gekomen om het benarde Oosten te hulp te komen met troepen, die nu in Frankrijk gemist konden worden. Reeds op 24 Augustus was de vesting Namen, dank zij de bekwame leiding van generaal v. Gallwitz en het ondernemend optreden van eenige zijner onderbevelhebbers, in Duitsche handen gevallen. Voor den aanval op deze vesting waren het Garde R. C. en het XI. L. C. bestemd geweest. Toen Bülow in den nacht van 24 op 25 Augustus zijn, in hoofdtrekken reeds vermelde, al te optimistisch rapport aan de O.H.L. 2 zond, voegde hij aan het bericht der verovering van Namen de wel niet ten onrechte als raadselachtig gekarakteriseerde woorden toe: „Angriffstruppe Namur bis auf eine halbe Division für andere Verwendung frei geworden." Bedoelde hij slechts te zeggen, dat deze troepen thans voor de verdere operaties, voor de vervolging, beschikbaar waren geworden, dan maakt de zinsnede in quaestie een sterken indruk van overbodigheid. Het is echter ook mogelijk, dat hij, denkend aan den opzet van den Zweifrontenkrieg, de O.H.L.

1 L. c. p. 395. Tappen, de chef der afdeeling operatiën van den generalen staf, zeide op 25 Aug. letterlijk: „In sechs Wochen ist die ganze Geschichte erledigt." (Weltkrieg I p. 440).

2 Cf. h. 1. p. 60.

Sluiten