Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van het geheel der daar staande Fransche strijdkrachten op zich heeft genomen S wordt tegen den avond het offensief hervat; het 10de L.C. was in den loop van den dag hier bijna acht km teruggedrongen onder den druk van het X. L.C. en de Garde, maar tegen 17.30 begint Franchet d'Espèrey, na een methodische voorbereiding door de artillerie, zijn tegenstoot: met slaande trom en wapperende vaandels, een prachtig schouwspel, dat de kleurige herinnering aan 1870 wakker riep. Een gedeelte van het verloren terrein wordt door het lste L.C. met steun van het 3de herwonnen. Omtrent 19 uur valt de avond, maar d'Espèrey, die den toestand als zeer gunstig beschouwt, gelast nog aan zijn lste D.I. het succes te exploiteeren: „II est essentiel que nous rejetions 1'ennemi au dela de 1'Oise ce soir" 2. Maar het met dit doel ondernomen nachtelijke offensief der divisie mislukt in verwarring.

Des avonds voelt geen van beide legercommandanten zich bijster gerust over het verloop dat de strijd den volgenden dag kan nemen. Bülow weet, dat hij van het III. L. geen hulp te verwachten heeft; van het I.L. krijgt hij slechts de beschikking over de achtergebleven XVII. D.I. 3, die zich ten W. van St-Quentin bevindt. Uit de papieren, gevonden op den gevangen genomen chef van den staf van het 3de L.C., wordt A.O.K. II volkomen ingelicht omtrent de sterkte van den vijand: reden tot optimisme geeft deze wetenschap niet. Toch gelast Bülow om op 30 Augustus opnieuw ten aanval te gaan; hij wil een concentrisch offensief ondernemen met het zwaartepunt bij zijn rechter groep, waar de vijand klaarblijkelijk het minst sterk is en de kans dus bestaat op een tactische omvatting van zijn buitenvleugel.

Lanrezac van zijn kant weet, dat het 4de L. nog steeds op grooten afstand staat van zijn rechter vleugel; al heeft zich in den loop van den dag niets verontrustends op dien vleugel voorgedaan, het feit, dat het 4de L. ieder moment genoodzaakt kan zijn den linker vleugel tot Rethel terug te nemen, dwingt tot groote voorzichtigheid. De Engelschen zullen op

1 Larcher p. 111 e.v.; Rouquerol p. 33.

2 Larcher p. 149.

3 Van het IX. L.C.; cf. h.1. p. 132.

Sluiten