Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VI

PARIJS BEDREIGD

Joffre's plan van 25 Augustus om met zijn linker vleugel (6de, Eng. en 5de L.) uit de Somme-linie een krachtig offensief te ondernemen is definitief mislukt. Het oprukken van den vijand naar Parijs schijnt niet meer te stuiten en daarmede komt een nieuwe urgente zorg: de verdediging der hoofdstad, de taak der opperste legerleiding verzwaren.

Op 26 Augustus was een der bekwaamste generaals, Gallieni, die vooral door zijn pacificatie van Madagascar naam had gemaakt, benoemd tot militair bevelhebber van Parijs. Zijn voorganger in die functie, generaal Michel (dezelfde, die in 1911 plaats moest maken voor Joffre), had met te weinig energie zijn taak om Parijs in staat van verdediging te brengen ter hand genomen; zoo kwam Gallieni voor een uiterst moeilijke opgave te staan. Op den dag van zijn benoeming noteert hij in zijn dagboek: „On a négligé la mise en état de défense du Camp Retranché, oü tout est en retard: travaux, approvisionnements des ouvrages en munitions, ravitaillement, etc."1. Vier dagen later brengt hij een uitvoerig rapport uit aan den nieuwen minister van Oorlog, Millerand, die bij de reorganisatie van het kabinet in den geest der „union sacrée" Messimy's plaats had ingenomen. Uit Gallieni's rapport blijkt, dat het garnizoen van Parijs bijna geheel uit ongeoefende Territorialen bestaat, dat er een tekort is van 77 mitrailleurs, dat de noodige telephonische verbindingen nog niet zijn aangelegd, dat de door de genie uit te voeren werken een aanmerkelijken achterstand vertoonen bij de in het mobilisatiedagboek vastgestelde regeling, dat de fortificatiewerken nog verre van voltooid zijn en de stukken pas over 5 a 6 dagen, en dan nog onder zeer ongunstige omstandigheden, zullen

1 Carnets p. 45.

10

Sluiten