Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is geweest voor Joffre's orders der volgende dagen, begint met de volgende overwegingen:

„II ne semble plus possible d'opposer a 1'aile droite allemande des forces suffissantes pour arrêter son mouvement enveloppant qui peut 1'amener sur Paris.

Mais la présence de nos armées en Lorraine, dans 1'Argonne et en Champagne oblige 1'armée allemande a établir ses corps sur un énorme cercle de Verdun a Paris. Si elle fait glisser ses forces constamment vers I'ouest, elle peut être amenée a un moment donné a voir ses communications passant presque entièrement par la Belgique.

Nous pouvons profiter de la possession de la ligne des Hauts-deMeuse, d'abord, de la présence des lre et 2e armées en Lorraine, ensuite, pour établir un dispositif constamment couvert et étayé a droite et faisant dans 1'ensemble face au nord-nord-ouest.

Nous pouvons partir de ce dispositif pour renouveler mais en meilleur terrain et, sans doute aussi, en meilleure posture, la rupture que nous avons tentée face au nord-est en débouchant de la Meuse."

Uit deze beschouwingen blijkt, dat de manoeuvre tegen 's vijands Westelijken buitenvleugel is opgegeven en dat Parijs aan eigen krachten wordt overgelaten. Na de slagen aan de grenzen had Joffre terecht, en anders dan Moltke veronderstelde !, niet de lijn Charleroi—La Fère—Parijs, maar de lijn Charleroi—Rethel als as van den terugtocht gekozen; thans wetend, dat de vijand in ZWestelijke richting oprukte, bleef hij in dezelfde lijn, die zich voortzet over Chalons—Troyes. Daardoor werd voorkomen, dat de vijand, in directie van Parijs voortrukkend, zijn primaire en zijn secundaire doel in dezelfde richting vond, namelijk zoowel het veldleger als de hoofdstad, moreel, politiek en spoorweg-centrum des lands. Een zekere verdeeling van 's vijands troepenmacht moest dus het gevolg zijn. Deze voor de hand liggende conclusie maakt het weinig aannemelijk, dat Joffre Parijs tot open stad had willen verklaren: dan zou immers voor de bezetting der hoofdstad het Duitsche veldleger slechts een minimum van troepen hebben ingeboet. Iets anders is, dat Joffre zijn eigen veldleger zoo weinig mogelijk wilde verzwakken ter wille der hoofdstad; het is een gezond principe, om alle krachten zoo veel doenlijk voor den beslissenden slag bijeen te houden.

1 Cf. h.1. p. 108.

Sluiten