Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Klucks besluit is niet anders dan uit deze twee overwegingen te verklaren: hij geloofde in het beslissend karakter der door hem te ondernemen vervolging — hetgeen psychologisch volkomen begrijpelijk is — èn hij onderschatte den vijand. Hij kan niet blind zijn geweest voor Parijs, maar hij geloofde aan de minderwaardigheid der vijandelijke legerleiding; zooals overste v. d. Belt zegt: Kluck en Kuhl hebben, toen zij over de Marne gingen, den vijand onderschat1. Gallieni bleek een waardige tegenpartij. Te lang was het I. L. gevoed met het gevaarlijkste voedsel, dat men tegenover een nog ongebroken vijand kan genieten: de lauweren van het succes.

Kanns oordeel over Klucks vervolging luidt eenvoudig: „c'était un acte flagrant d'indiscipline que rien n'excusait" 2; het eerste is juist, maar er zijn, voor wie zich in Klucks plaats en temperament denkt, verzachtende omstandigheden. Juister is daarom Foersters opinie: „Hier siegte der Wille zum Siege über die Bedenken, die das Wagnis einflösste;" men kan dit billijken, mits A.O.K. I „bei voller Würdigung der operativen Bedeutung der Festung Paris wirklich an die Minderwertigkeit der feindlichen Führung und gleichzeitig an einen operativen Erfolg seiner eigenen Verfolgung geglaubt hat" 3. Dat laatste gelooven wij, tegen hetgeen Kluck zelf ons suggereert om zijn verantwoordelijkheid te verminderen, te mogen aannemen.

De O.H.L. had voorloopig geen reden om in te grijpen; zij ontving in den namiddag of in den nacht van 3 September Klucks rapport over den voorafgaanden dag4, waarbij hij tevens als zijn plan kenbaar maakte om op 3 September met zijn rechter vleugel te beveiligen tegen Parijs en met den linker nogmaal tegen Lanrezacs flank te ageeren. Dat leek dus, in overeenstemming met de gegeven order, een medewerking met de aan Bülow gelaste vervolging, waarin niets

1 J. C. v. d. Belt, Die ersten Wochen des grossen Krieges (Berlin 1922) p. 55.

2 Réginald Kann, Le Plan de Campagne allemand de 191b et son Exécution (Paris 1923) p. 186.

3 L.c. p. 44.

4 Weltkrieg III p. 303.

Sluiten