Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zeker voor hooge militaire functies had dienen uit te schakelen.

Kostbaren tijd had Bülow eerst voor de vervolging verloren laten gaan, thans verwachtte hij den vijand nog benoorden de Marne tot den strijd te kunnen dwingen en hem daardoor volkomen te desorganiseeren l. Maar Lanrezac liet op 3 September zijn troepen reeds om 2 uur den terugtocht weer voortzetten2 en zoo slaagde Bülows opzet niet. Des avonds stonden zijn troepen tusschen Chateau-Thierry en Montigny (de II. D.I. der Garde bij Chaumuzy tegen Reims) op den Noordelijken oever der Marne.

Het bleek nu, dat de binnenvleugels van het I. en II. L. in de streek van Chateau-Thierry op elkaar waren gestooten. Tusschen Charly-sur-Marne en Mont-St Père vinden wij namelijk: III. en IX. L.C., H.K.K. I en VII. L.C. Bülow ondervond het optreden hier van Klucks linker vleugel als „ausserst storend"3; het noodzaakte hem de verhoopte uitbreiding van zijn front naar het Westen, ten einde den vijand naar het ZO. weg te dringen, na te laten. Kluck had die taak op zich genomen 4 en Bülow kon het onaangename gevolg daarvan wijten aan zijn eigen aanvankelijk dralen. Des avonds gaat weer een rijkelijk overdreven rapport naar de O.H.L.: „Armee verfolgte heute den Feind hart an der Klinge bis über Marne. Feind flutet auch südlich Marne in voller Auflösung zurück" 5. Wanneer Bülow werkelijk gelooft in een zoo déplorabelen toestand van den vijand, dan behoeft hij waarlijk niet aan de O.H.L. te vragen: „Sind Befehle für II. Armee?" om het antwoord te krijgen: „Südliches Marne-Ufer gewinnen"6. Dan zal hij het uiterste van man en paard verlangen om in samenwerking met den flankeerenden druk van het I. L. nu definitief met dezen gedemoraliseerden vijand af te rekenen. Zulks blijkt echter geenszins uit zijn legerbevel voor 4 September;

1 Bülow p. 49.

2 Lanrezac p. 247.

3 Bülow p. 50.

4 De gunstigste oplossing in dit geval ware geweest de ruil van VII. en IX. L.C. tusschen I. en II. L.

5 Weltkrieg III p. 304.

6 Ibid.

Sluiten