Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Z. der Marne ageeren i ? De beslissing in dezen hangt af van de positie, die de Engelschen zullen innemen; attaqueert Maunoury ten Z. der Marne, dan dienen de Engelschen het terrein tot de Yerres vrij te maken, in het andere geval moeten zij aan de Marne trachten op te treden in verbinding met Maunoury's rechter vleugel. Kort na het middaguur stelt Clergerie zich opnieuw in verbinding met het G.Q.G. en nu geeft overste Pont hem te kennen, dat Joffre het 6de L. ten Z. der Marne wenscht te zien optreden 2. Maar in den loop van den morgen is Gallieni, misschien ook onder invloed van Maunoury, tot de overtuiging gekomen, dat een aanval ten N. der 1 ivier de gunstigste vooruitzichten biedt; naar mate Klucks hoofdmacht verder naar het Z. oprukt belooft een aanval op zijn flankdekking ten N. der Marne, welke dan eigenlijk veeleer een rugdekking is geworden, ingrijpender effect: „marcher droit sur cette flanc-garde, la refouler de tout le poids des forces disponibles de 1'armée de Paris, se jeter sur les derrières de 1'ennemi, bousculer ses convois, c'était réaliser peut-être 1'enveloppement de 1'armée du général von Kluck" 3. Bovendien zou een offensief ten N. der rivier sneller door Maunoury ontketend kunnen worden dan ten Z. — zulks in verband met de positie die zijn troepen innemen. Clergerie bracht dit onder Ponts aandacht, waarop deze antwoordde, dat een en ander wel door Joffre overwogen was, maar dat een dag uitstel het offensief ook des te krachtiger kon maken: volledige overeenstemming met French was dan mogelijk en vooral zouden de troepenverplaatsingen dan verder gevorderd zijn; het 4de L.C., losgemaakt van het 3de L., naderde Parijs, het 15de en 21ste L.C. werden uit het Lotharingsche front genomen om het 3de L. te versterken 4 (dit volgens de Note van 2 September).

Voor Gallieni, die groote waarde hechtte aan een zoo snel

1 Joffre Mémoires I p. 382.

2 Arm. franc. I, 2 Ann. No 2354; hieruit blijkt, in tegenstelling met Gallieni, Mémoires p. 115, dat Joffre's besluit reeds vóór Gallieni's vertrek naar Melun althans officieus in Parijs bekend was.

3 Gallieni, Mémoires p. 108.

4 Arm. fran^. I, 2 Ann. No 2354.

Sluiten