Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bij de Fransche hoofdstad niet binnen enkele dagen tot stand kon komen; maar ook werd aangenomen, dat de krachten, die dan toch in Parijs aanwezig waren, niet tegen de Duitsche flank zouden wagen op te treden. In 1870 ware een dergelijke veronderstelling waarschijnlijk door de feiten bevestigd; een belangrijk aandeel in de successen van den ouden Moltke had het gebrek aan doorzicht en initiatief van Bazaine (gelijk, in 1866, van Benedek); maar op dergelijke tekortkomingen van de vijandelijke leiding mocht men niet blijven rekenen. Gallieni was van ander formaat dan zijn collega's in den voorafgaanden oorlog.

Bij Bülow, die al spoedig het gevaar op de flank had doorzien, vond Klucks voorstel dan ook geen instemming. Voor 5 September was door Bülow slechts een bescheiden voortrukken gelast, dat niets meer had van een energieke achtervolging. Hij motiveert zulks met een verwijzing naar den rustdag van het III. L. i. Mogelijk is echter ook, dat hij een dergelijke order als de O.H.L. gaf, verwachtte; zelfs is de veronderstelling uitgesproken, dat hij deze heeft geïnspireerd In ieder geval, Bülow wenschte zich geheel te schikken naar de ontvangen order en dit te meer toen ook zijn aviateurs drukke transporten over de spoorlijn Bomilly—Nogent naar het Westen berichtten. Deze verkenning werd echter niet aan het I. L. medegedeeld, dat juist door zijn onbekendheid met dergelijke waarnemingen gedurende de laatste dagen op verschillende deelen van het front, tot zijn afwijkend voorstel was gekomen.

Later op den dag kreeg ook A.O.K. I volledig inzicht in de

1 Bülow p. 52.

2 Bülow had bizonder grooten invloed bij den Keizer en bij Moltke. Overigens is voor Kabisch' veronderstelling, p. 356 n. 14, geen direct bewijs te geven. Men houde hierbij echter in het oog, dat de officiëele Duitsche publicatie, Der Weltkrieg 191Ï bis 1918, geen bronnenpublicatie is, die op dit punt licht zou kunnen verschaffen; het is een, ook critisch, geschiedverhaal, waarin de voornaamste gewisselde stukken in den tekst zijn opgenomen. Voor wetenschappelijk onderzoek geeft de officiëele Fransche uitgave, Les Armées frangaises dans la Grande Guerre, beter gelegenheid; daar vindt men in de Annexes alle bescheiden systematisch verzameld en volledig afgedrukt.

Sluiten