Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moeilijkheden te voorzien: op de linker flank van het II. L., bij het III. L., aan het Lotharingsche front.

Moltke kon aannemen, dat zijn I. en II. L. de gelaste bewegingen zonder veel hinder van den vijand zouden uitvoeren, daar immers juist hier, volgens de ingekomen meldingen, Franschen en Engelschen het gevoeligst geleden hadden. Toch bleef het feit bestaan, dat zijn drie rechter legers links achterwaarts geëchelonneerd stonden en dus de moeilijke zwenking van Bülows linker vleugel om Montmirail naar het W. (moeilijk ook door het terrein: marais de St-Gond, forêt de la Traconne) zich moest regelen naar het tempo van het achtergebleven III. L. De geheele beweging zou volgens Birchers berekening vier a vijf dagen gevraagd hebbeni, ook wanneer de vijand slechts tot een minimale activiteit in staat bleek. En dan nog bleef de situatie vol gevaren. Bülows linker flank, hoewel aan de Seine aangeleund, bleef uiterst kwetsbaar. Zou het III. L. haar naar het O. ruggesteun geven, dan moest noodwendig de verbinding tusschen III. en IV. L. gevaar loopen. De rechter vleugel van laatsgenoemd leger zou immers in ZOostelijke richting oprukken naar Montiérender, zoodat tusschen IV. en II. L. een frontbreedte van 80 km (Romilly—Arcis s. Aube—Montiérender) beheerscht moest worden door de drie corpsen van Hausen 2. Duidelijk blijken hieruit de moeilijkheden voor Hausen. Hij kon den linker vleugel van Bülow dekken, maar moest dan de verbinding met het IV. L. prijsgeven. Of hij kon zich aansluiten bij de beweging van het IV. L., maar zou dan niet in staat zijn Bülow te steunen. Ook zou hij de verbinding met beide huurlegers kunnen handhaven door zijn troepen over de geheele frontbreedte van 80 km te verdeelen, maar dan bestond de mogelijkheid van een vijandelijken doorbraak door zijn zwakke linie. Ten slotte kon hij met zijn corpsen op een smaller, aan zijn sterkte evenredig front oprukken in richting van Troyes, waarbij echter zijn eigen flanken gevaar liepen.

Even duidelijk spreken de moeilijkheden bij het offensieve gedeelte van Moltke's plan. Het IV. en V. L., die nu een be-

1 L.c. p. 20.

* Hausen p. 190.

Sluiten