Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II.

UITBREIDINGEN EN VERKORTINGEN IN HET VOLKSBOEK.

§ 1. Bij de bestudeering van de afwijkingen in de bewerking der Renout-fragmenten constateeren we op de eerste plaats, dat het Volksboek regelmatig den inhoud van het mnl. gedicht bekort, overbodige mededeelingen, stoplappen en vaste formules weglaat en tegen het einde zelfs een aanmerkelijk beknopter verhaal geeft dan de correspondeerende gedeelten van den Renout. Deze beperking in het Volksboek toont duidelijk het streven van den bewerker om een „langdradig" verhaal te voorkomen.

Tegenover deze regelmatige, toenemende bekorting in Vb. merken we vele uitbreidingen op, die een gevolg zijn van den Volksboek-stijl, bovendien — in de laatste fragmenten — talrijke andere, een gevolg van een veel vrijere bewerking. Alleen de eerste groep is van belang voor de stilistische vergelijking der beide teksten.

Het mnl. gedicht, ook al is het op vele plaatsen „langdradig", toont herhaaldelijk een abrupten vorm. We vinden dezen vorm b.v. in plotselinge, onberedeneerde en niet nader verklaarde overgangen naar een geheel nieuw gebeuren of een andere plaats van handeling, in het plotseling optreden van nieuwe personen; in het kort: Rt. toont herhaaldelijk een filmischen verhaaltrant. Dit „filmische" verdwijnt in Vb. bijna geheel; de stof wordt behandeld in een logische aaneenschakeling der feiten; de zinnen en mededeelingen sluiten regelmatig bij elkaar aan en wijzen op voorgaande terug, terwijl ze tevens dikwijls de volgende mededeelingen inleiden.

Terwijl in Rt. de feiten abrupt op elkaar volgen, zonder onderüng verband — waar het dus aan den lezer zelf is overgelaten dit verband te vinden — tracht de Vb.-auteur deze logisch te verbinden, hetzij door tusschenvoeging of toevoeging van een zelfstandigen zin, die de brug moet vormen, hetzij door verklarende uitbreidingen binnen het bestaande zinsverband.

Sluiten