Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zonder scheiding van S. en Vf., dus met den normalen vorm, komen in Et. 13 zinnen voor met enkelvoudig praedicaat, in Yb 37; in Et. 2 maal van den vorm A. Vf. S., 1 maal Vf. S., 4 maal A. Vf. S. A., 5 maal Vf. S. A., in Vb. 8 maal Vf. S., 3 maal A. Vf. S. A. en 26 maal Vf. S. A. Met een samengesteld praedicaat vinden we in Et. 10 zinnen, waarvan 8 met een gesloten en 2 met een open zinseinde, in Vb. 9 zinnen, waarvan 6 een gesloten en 3 een open vorm hebben. In Et. constateeren we dus een voorkeur voor een gesloten zinsvorm, in tegenstelling met wat tot dusver bleek x). Een zeer omvangrijk ópen zinseinde heeft Et. 569 Die veete suldi wel gedragen // Jegen Kaerl geweldelike, // Puppins sone van Vrankrike."

In het geheel bevat Et. 10 en Vb. 7 zinnen met samengesteld praedicaat en open zinsvorm. Het deel A. aan het zinseinde blijkt in Et. 5 maal een voorz. bep. en 3 maal een adverbium te zijn, in Vb. 3 maal een voorz. bep. en 2 maal een adverbium. Verder komt nog een enkele maal als deel A. voor: een object, een praed. nomen en in Vb. een gecoördineerd object (65.10). Meer dan één zinsdeel in A. bevatten Et. 465 vlgg. en 569 vlgg. (zie boven).

De mededeelende Bijzin.

45. Het aantal bijzinnen bedraagt in Et. 198, in Vb. 217; vergeleken bij de hoofdzinnen (resp. 381 en 216) is dit aantal in Vb. dus relatief veel grooter dan in Et.; terwijl in Et. telkens op twee hoofdzinnen slechts één bijzin voorkomt, is het aantal van beide soorten in Vb. nagenoeg gelijk.

Bijzinnen met aanloop zijn zeldzaam; in Et. 11, m Vb. 12 gevallen2). Et. bevat zelfs een voorbeeld hiervan met inversie, het subject van den bijzin is daar een subjectszin: Et 53 Hi sat of hem ware onderdaen // Dat Tcerstinede heijt bemen; _ zoowel in Et. als in Vb. is de aanloop slechts éénmaal nominaal; het is dan het psychologisch subject: Et. 861 „Eer Benoude sorcors quam, // Haddi den riddre lofsam // en helpen? Vb. 65.34 Als Yewijn de boetscap quam, voer hi derwert met zijn heren. — Overigens is de aanloop pronominaal,

1) vgl. de zinnen zonder inversie en § 39. . OQrl. n

2) Bij de hierna volgende bespreking der bijzinnen is met deze aanloopzinnen verder geen rekening gehouden.

Sluiten