Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tegen het argument, dat er in een dergelijk geval van verwarring bij het publiek geen sprake is, valt weliswaar weinig in te brengen, maar er is ontegenzeggelijk een zekere misleiding van het publiek: Een bepaald merk staat bij het publiek goed aangeschreven. Een derde profiteert van deze omstandigheid (hij „parasiteert" op den eerste, zooals de advocaat van den rechthebbende op het merk 47 ii het in zijn pleidooi uitdrukte) en maakt — hoe voortreffelijk zijn waren overigens ook mogen zijn — eenigszins misbruik van de populariteit, die een ander voor dit merk heeft weten te verwerven. Het publiek zal bij het zien van dit merk op andere waren, dan waarop het dit gewend is, ongetwijfeld denken aan de goede qualiteit dezer laatste en daardoor voorkeur aan den dag leggen voor waren, waarvan nog moet blijken of zij die voorkeur werkelijk verdienen. In elk geval zullen dergelijke waren er in het begin gewoonlijk grif ingaan bij het publiek . . . dank zij moeite en kosten van een ander x).

Daarbij komt, dat de oorspronkelijke rechthebbende op dit merk de kans loopt, dat het merk aan populariteit inboet, als de ander artikelen van minderwaardige qualiteit produceert of verhandelt of op andere wijze aan den goeden naam van het merk tornt.

Het rechtsgevoel wordt gekrenkt, zonder dat eenig rechtsmiddel hulp biedt: geen actie uit de Merkenwet, want deze biedt zelfs niet de mogelijkheid om het kwaad te keeren, ook dan niet, wanneer dit bij de inschrijving te voorzien zou zijn; geen strafvervolging op grond van art. 337 Sr, want de 2e rechthebbende heeft zijn waren niet „valschelijk voorzien van het merk, waarop een ander recht heeft"; noch op grond van art. 328bisSr, want van een bedriegelijke handeling, als aldaar bedoeld, is geen sprake; misschien een actie uit 1401 B.W., ofschoon de tweede rechthebbende een door inschrijving versterkt — d.w.z. eenigszins versterkt — recht heeft om juist dit merk voor zijn waren te gebruiken, zoodat het wel twijfelachtig is of deze handeling door den rechter als onrechtmatig zou kunnen worden beschouwd 2).

x) Vgl. Derenburg t.a.pl., blz. 187. In Engeland merk Kodak voor rijwielen verboden, omdat het publiek zou kunnen meenen, dat de desbetreffende rijwielonderneming samenging met de bekende onderneming voor photographische artikelen en dit deze laatste nadeel zou kunnen berokkenen.

*) Zie voor nietigverklaring van een dergelijke inschrijving op grond van strijd met de openbare orde, blz. 86, noot 2.

Sluiten