Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

merk daadwerkelijk gebruikt, het recht heeft bij inbreuk in rechte op te treden en een schade-actie in te stellen, 'er- Behalve de inschrijving is ook de overdracht van het

lcht" collectieve merk geheel afhankelijk van de beslissing van den „Board ofTrade," die, bij de beoordeeling of overdracht toelaatbaar moet worden geacht, alle feitelijke omstandigheden in aanmerking mag nemen en tevens natuurlijk nagaat of er waarborgen aanwezig zijn, dat de nieuwe eigenaar zich overigens aan de bepalingen van Section 62 zal houden.

niet Hierboven werd reeds opgemerkt, dat de „Board ofTrade"

zijn toestemming tot inschrijving van een collectief merk kan intrekken, als niet langer aan de voorwaarden van Section 62 wordt voldaan. Deze speciale wijze van te nietgaan van het recht op een collectief merk is dus ook geheel aan het oordeel van den „Board ofTrade" overgelaten1).

jk^" De merkenbescherming in Frankrijk is geregeld in de sis der wet van 23 Juni 1857, die, zij het met verschillende wijzierkenbe- gingerl) 00k thans nog van kracht is. Wel is meer dan eens ' een ontwerp van wet voor een geheel nieuwe regeling der merkenbescherming ingediend, maar geen ervan heeft het tot wet kunnen brengen. Het laatste ontwerp 2) bereikte de „Chambre des Députés" op 14 Juni 1929, die het, nadat er enkele veranderingen in waren aangebracht, aanvaardde3); behandeling en aanvaarding door den Senaat schijnt echter, naar men aan bevoegde zijde meende, voorloopig nog niet te verwachten te zijn.

De bestaande wet is gebaseerd op het declaratieve stelsel en de inschrijving heeft plaats zonder eenig materieel vooronderzoek. Men beschouwt het recht op een merk als eigendomsrecht, voortvloeiende uit het „droit naturel"; het merkrecht ontstaat door gebruik (blz. 29).

Het is alleszins verklaarbaar, dat in 1857 in deze wet geen melding werd gemaakt van collectieve merken, omdat destijds nog vrijwel geen collectieve merken voorkwamen. Dat men de collectieve merken er naderhand niet in heeft ondergebracht, moet gedeeltelijk worden toegeschreven aan

x) Vgl. over wantrouwen van Engeland in het gebruik van collectieve merken Pr. Ind. 28 Februari 1Q34, blz. 35.

*) Bijlage IV, blz. 173.

*) 4 Juni 1931 Pr. Ind. Augustus 1931, blz. 141; zie ook noot 1 blz. 83.

Sluiten