Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In de eerste plaats wil ik U, Hooggeleerde Kleintjes, geachte promotor, dank zeggen voor de bereidwilligheid, waarmede Gij mij Uwen steun hebt willen verleenen bij de totstandkoming van dit proefschrift. Dit zal ik steeds met groote erkentelijkheid gedenken.

Aan U, Hoogleeraren der Leidsche Vereenigde Faculteiten, ben ik veel dank verschuldigd.

Op deze plaats moge ik gedenken de vele, gewaardeerde colleges van den helaas te vroeg overleden Professor Mr. C. van Vollenhoven, welke ik het voorrecht heb gehad te mogen volgen.

Verder dank ik allen, die mij op eenigerlei wijze behulpzaam zijn geweest.

Scheveningen, November 1934.

Sluiten