Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een onderscheiding in Inlanders en Vreemde Oosterlingen, kende men in den Compagniestij d nog niet, want in de Nieuwe Statuten van Batavia van 1766 wordt nog in één adem gesproken van „Vreemde oosterlingen so Maccassaren, Baliers... enz." en van „Chineezen en andere Inlanders" x). De naam Vreemde Oosterlingen vatte men denkelijk letterlijk op, daar Baliërs b.v. ten opzichte van Batavia uit het Oosten kwamen. Dat men de Chineezen Inlanders noemde, is wellicht een gevolg van het feit, dat de eerste Hollanders reeds Chineezen te Jacatra aantroffen.

Controle op de niet-JEuropeesche bevolking: ,,Tjap''-systeem.

De Compagnie besloot reeds vroeg de ingezetenen van eiken landaard zooveel mogelijk te doen samenwonen onder toezicht van eigen hoofden, veelal door de Compagnie aangesteld. Zoo is er een plakaat van 11 October 1619, dat een hoofd over de Bataviasche Chineezen aanstelde 2). Gold deze maatregel voor de Chineezen, eerst in 1635 3) werd een last uitgevaardigd ,,op de Javanen, te Batavia woonachtig(,,omtrent dertighhuysgesinnen"), een hoofd te kiezen". Dit geschiedde „opdat men beginnen mach deselve onder een begin van ordre te brengen ende sy bespeuren mogen, dat wy mede om haer dencken", waaruit blijkt, dat vóór dien tijd de Compagnie zich weinig of niets om hare Inlandsche onderdanen bekommerde; het was een gevolg van het wantrouwen in de ,,Javanen".

Een plakaat van 15 Mei 1635 4) verdeelde de „Indiaense vrye burgerye" te Batavia in vier Compagnieën, „om van de selve eenige goede diensten te trecken"; met betrekking tot nachtwachtdiensten stonden deze compagnieën, onder de bevelen van de Europeesche Officieren van het „Nederlants vaendel der Batavise burgeren". Een „Bandanese vaendel" onder eigen Officieren

1) Plakaatboek IX, pag. 410 en 448.

2) Plakaatboek I, pag. 599. Er waren toen ongeveer 400 Chineezen te Batavia.

3) Plakaat van 19 Jan. 1635, Plakaatboek I, pag. 370.

4) Plakaatboek I, pag. 371.

Sluiten