Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De oorzaak van hun groeiend aantal is te zoeken in het gering getal Europeesche vrouwen in den Compagniestijd, welker aantal in Daendels' tijd niet, of althans zeer weinig toenam. De indeeling der Inlandsche stadsbevolking in compagnieën onder eigen officieren bleef ook in Daendels' tijd gehandhaafd, al heeft hij in 1809 administratief wijzigingen aangebracht in hun aantal ).

De staatsrechtelijke indeeling der bevolking in dit tijdvak was dus een voortzetting van die in den Compagniestijd, met dit verschil, dat de rassenonderscheiding naast de onderscheiding naar godsdienst voor de indeeling in bevolkingsgroepen in aanmerking werd genomen.

b. Het EngeUche TuMcbenbeétuur van 1811-1816.

Reeds vóór de overgave van Java aan de Engelschen, werd bij proclamatie van 11 September van 1811 2) o.a. bepaald, dat de Hollandsche wetten, althans voorloopig, van kracht zouden blijven, zoodat ook de indeeling der bevolking zooals die op dat oogenblik was, gehandhaafd bleef. Deze indeeling was voor het Engelsche Bestuur blijkbaar geen probleem, want men sprak van „Europeans and Natives" 3). Soms werden afzonderlijk genoemd „European inhabitants and their descendants" 4), dan werd weer gesproken van ,,all classes and denominations of his Majesty's Subjects" 5). Onder de „Natives werden ook de lieden van gemengd Europeesch bloed gerangschikt, voor zoover zij niet als „Descendants or Europeans" werden vermeld. Dit blijkt uiteen advertentie in de Java Government Gazette van 24 October 1812, waarbij klerken werden gevraagd; de voorkeur zou worden gegeven aan ,,Europeans, or Natives ot India, of European Fathers".

Raffles geeft in zijn werk ,,The History of Java ) een „Account of the Population of the City of Batavia and

1) Plakaafcboek XV, pag. 622.

2) Proclamations enz. deel I, pag. 1.

3) Proclamations enz. deel I, pag. 89.

4) Proclamations enz. deel I, pag. 75.

5) Proclamations enz. deel I, pag. 34.

6) The History of Java, deel II, pag. 246.

Sluiten