Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ontstaat uit water en slik, dat uit de aarde zweet; hetgeen in den winter is gevormd (samengesteld) wordt door de zomerwarmte gerijpt. Datgene wat zich het eerst afscheidt (praecox), wordt helder (candidus). Hij ontstaat in Spanje, Egypte, Armenië, Macedonië, Pontus, Afrika, op de beide eilanden Sardinië, Melos, Lipara en Strongyle. Het meest prijzenswaardig is die van Egypte, dan komt die van Melos."

Op de bovengeciteerde geschriften volgen nu chronologisch twee grieksche papyri welke pl.m. 250 na Chr. geschreven zijn. Ze zijn afkomstig uit een zelfde graf in Thebe in OpperEgypte.

1) Papyrus Graecus Holmiensis tot 1906 in Stockholm daarna in LIpsala bewaard. O. Lagercrantz een zweedsch geleerde leverde hiervan in 1913 een duitsche vertaling.

2) Leydsche Papyrus X die in Leiden wordt bewaard. In 1830 is door Reuvens met de uitgave begonnen. Deze is in 1885 door Leemans een Leidsch Egyptoloog voltooid. Berthelot heeft den Leidschen Papyrus vertaald in zijn werk „Collecti°n des anciens alchimistes grecs" Parijs 1888. Zie ook: Edmund. O von Lippmann: Entstehung und Ausbreitung der Alchemie, Julius Springer, Berlin 1919, pag. 4, 10. *9) Sommige recepten staan ook in den Papyrus Holmiensis. Beide papyri bevatten voorschriften over het reinigen en legeeren van metalen alsmede over het kleuren van steenen; daarom heeft de Papyrus Holmiensis den titel: ,,Recepten voor zilver, steenen en purper." Daarnaast bevat deze papyrus 70 recepten over het reinigen, bijtsen en verven van wol. De Leidsche Papyrus bevat 11 zulke recepten. 20)

Als verfstoffen worden genoemd: alkanna, safflor, orseille, kermes, krap en weede. Over de weede vindt men het volgende:

„Das Einbringen des Waids. Schneide den Waid ab und sammle ihn im Schatten in Körbe. Dann zerkleinere das Kraut und lasse es den ganzen Tag stehen. Am folgenden Tag durchlüfte es und geh darin herum, damit es durch die Bewegung der Füsse aufgeworfen wird und gleichmassig trocknet. Dann sammle es zur Aufbewahrung in Körbe. Den auf diese Weise behandelten Waid nennt man Anthrax."

19) V. Lippmann. Entst. u. Ausbr. der Alchimie pag. 4—10.

20) P. Ruggli — Ï.C. — pag. 267.

Sluiten