Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op pag. 21 van het Bouck va Wondre wordt „gruys water" genoemd. Gruys is grof gemalen graan. Het zetmeel daarin aanwezig diende voor hetzelfde doel waarvoor het heden ten dage nog in de ververij wordt gebruikt, als verdikkingsmiddel teneinde vaste stoffen gesuspendeerd te houden. Men zou kunnen spreken van een beschuttend colloid. Een voorschrift waarin van zetmeel en gom om de zelfde reden partij wordt getrokken vindt men hier.

Pag. 82. — Vander smette in doghe — Nemt vilinge van finen copere. ende dat tempert met sterken witten aysine. ende latet daerin liggen. 7. dage ter sonnen ende drooget wel. Ende wildyt starker hebben, so nemt sarcocolle. amidus. candyt. canfer. elx evenvele ende maect hier af wel subtyl pulver.

Pag. 271. — Sarcocolla: gom van Astralagus sarcocolla Dymack.

Pag. 254 — candyt: kandysuiker

canfer: camphora. Volgens Flückiger Pharmakognosie des was de in de middeleeuwen gebruikte Pflanzenreiches — kamfer afkomstig van Dryobalanops 3 Aufl Berlin — 1891. aromatica, Gaertn. s.D. Camphora,

colebr.

Amidus: Amylum zie onder de citaten uit Herbarius.

Het Bouck va Wondre noemt pag. 22 de „soffraan" als verfstof en gebruikt eiwit als verdikkingsmiddel. Er staat letterlijk „doder va eê eye" Dit zal wel gebeurd zijn vanwege de gele kleur. Het volgende citaat vertoont hiermede overeenkomst. Als verdikkingsmiddel wordt hier tarwebloem of tarwe zetmeel gebruikt. De benaming tarwebloem is heden ten dage nog in de zuidelijke Nederlanden gebruikelijk.

Pag. 22 Om die sweringe te beneme. Nemt soffraen

ende legget in watere ende latet daerin liggen so lange dat dwater gevarwt wert (ende dan siet door ene doeck) ende daerin doet .1. luttel bloemen van tarwen ende siedet te gadere so dat 1. luttel dicke si en legget omtrent die wonde hetere dan lau. Dit sacht zere die wonde.

Het Bouck va Wondre vermeldt pag. 22 de plant cathapucie waarvan de bladeren in het verfbad voor groen voorkomen.

Pag. 255 — catapusia: lat. cataputia minor — Euphorbia Latyris, L. Kruisblad-wolfsmelk, springkruid of roerkruid, wegens de afvoerende werking ook schytkruid genoemd.

Sluiten